Ourwalkabout.nl is a blog about the world trip Michiel de Wit and Judica Wondergem are making in 2010.


39° 55' N, 116° 24' E
17 March 2010, 13:20

Langs rode huisjes

15. Kiekje in het Beihai park

Hoeveel keiz­ers er pre­cies gewoond hebben, dat duizelt ons een beetje. Maar het waren er beslist veel. Het oord schi­jnt ook diverse malen (deels) afge­brand te zijn, al dan niet door toe­doen van een bedi­ende die geld rook. Verder viel op dat de dom­i­nante kleuren rood en goud waren, met veel dec­o­ratie in blauw. De Ver­bo­den Stad, daar waren we vanmiddag.

De Stad is een enorm com­plex en ik geloof dat we het eigen­lijk het paleis museum moeten noe­men. Als Mao niet had inge­grepen was het hele dorp waarschi­jn­lijk zelfs door de Sov­jets zijn ges­loopt. Enfin, museum dus, maar strikt genomen de bak­er­mat van het grote Chi­nese rijk. Er wordt gezegd dat er bijna 9000 vertrekken in het com­plex zijn en ik wil dat best geloven. Het doorkruisen van de Stad via de zuid-noord as duurde (met alle Kodak momenten erbij) zeker een uur. En elke keer weer doem­den er indruk­wekkende, rode gebouwen voor ons op. Dan weer een poort, dan eens een hal, soms een keiz­er­lijke slaap­kamer, maar ook wel eens een slaap­kamer voor de con­cu­bines (wat, zoals men wel weet, een mooi woord is voor bijvrouwen, maîtresses of gewoon pret­madammekes). Enorm.

Na een uur of twee in de ver­bo­den stad (die vroeger voor volk van onze klasse vol­strekt ver­bo­den ter­rein was, op straffe van de dood) begonnen we ver­slen­terd en verkeken te raken. Na zoveel staren, oh en ah zeggen en bor­d­jes in (gebro­ken) Engels lezen, raak je murw. Hoe mooi zo’n com­plex ook is. De tuin aan het uiter­ste noor­den van de stad was dan ook wel een ver­adem­ing. Even geen gebouwen, maar bomen en rotspar­ti­jen. Overi­gens alle­maal, naar goed Chi­nees gebruik, wel gecul­tiveerd. De rotspar­ti­jen waren gebouwd van woeste en krul­rijke ste­nen en de bomen waren alle bonzaï-achtige cypressen. Schit­terend en vooral ook wonderbaarlijk.

Je voor te stellen dat vele gen­er­aties Chi­nese keiz­ers bijna hun hele leven in die stad door­brachten, is griezelig geloofwaardig: ze had­den vol­doende ruimte voor hun ambt, hun vrouw, hun bijs­lapies en hun vele kinderen. En dan bleven er nog vol­doende gebouwt­jes over om een kopje thee met de krant te con­sumeren, om de huwelijk­snachten te con­sumeren, om aan zeker een doz­ijn ver­schil­lende goden dank te zeggen en een paar doz­ijn fotoal­bums te stallen. Geen reden om door de indruk­wekkende poorten de vieze en onrustige buiten­wereld te betre­den dus.

Mmm, even een slokje chi­nese groene thee voor­dat ik verder ga. Gratis op de kamer. Heel aan­ge­naam (al smaak het warme vocht meer naar spinazie dan naar thee, wat mij betreft).

Na onze vorstelijke wan­del­ing zijn we verder gegaan naar de voor­ma­lige keiz­er­lijke tuinen, nu het Bei­hai park genoemd. Onze plat­te­grond van Bei­jing verk­lapte dat ‘bei’ feit­elijk ‘noor­den’ betekent en een snelle blik over de rest van de plat­te­grond gewor­pen ont­dek­ten wij ook een mid­del­park en een zuider­park, voorzien van vergelijk­baar cryp­tis­che namen. Heel overzichtelijk.

In het park trof­fen we een grote water­par­tij met daarin een groot eiland, een heuvel eigen­lijk, waarop een groot Tibetaans tem­pel­com­plex voorzien van een zware, witte pagode was gede­poneerd. Een flinke klim met een prachtig uitzicht tot beloning. Daar­boven werd ons eens temeer duidelijk van welke omvang deze stad werke­lijk is. Ter vergelijk: heel deel van de stad dat we tot dusver hebben bekeken heeft in ver­houd­ing tot de stad­splat­te­grond ter grootte van een oud­er­wetse ocht­end­krant (opengevouwen, wel te ver­staan) de omvang van een kleine Chi­nese hand­palm. Er is dus nog zoveel meer!

Mor­gen gaan we me maar eens een stuk op de fiets verken­nen. Die huur je hier gemakke­lijk en de vele fietspaden maken het een ver­lei­delijk ver­vo­ersmid­del. We willen graag treinkaart­jes naar Hanoi gaan boeken. Kijken of ons dat wil lukken. Mogelijk moeten we de reis in Nan­ning onder­breken en daar over­stap­pen op een tweede trein. Nog maar even zien. En oh, we gaan vri­jdag (verwachte tem­per­atuur, 19 graden in de plus!) 10 kilo­me­ter over de Chi­nese muur wan­de­len. Eens zien hoe 4 uur klauteren met een gids en een zon­netje ons bevalt!