Ourwalkabout.nl is a blog about the world trip Michiel de Wit and Judica Wondergem are making in 2010.


40° 39' N, 117° 25' E
19 March 2010, 14:50

Een wandeling over stenen en mist

6. Maar gaanderweg werd het weer beter

De grote muur van China is al eeuwen gele­den gebouwd. Aan­vanke­lijk in kleine stuk­jes. Elke kon­ing bouwde een muur om zijn eigen rijk tegen bar­baren te bescher­men. Pas toen al deze lan­den onder een groot keizer een gewor­den was, ontstond er de mogelijkheid de muren aaneen te bouwen. Het ver­haal gaat dat de muur, alle moeite ten spijt, nooit echt heeft gew­erkt. De zwakke schakel in de ket­ting van bikkel­harde ste­nen waren namelijk de poorten, vooral de poortwachters. Ze waren ken­nelijk gemakke­lijk om te kopen door bar­baren en boden ze, alle bloed en tra­nen van de muur ten spijt, voor een appel en een ei toe­gang tot het rijk.

Van­daag hebben we de muur bewan­deld, tussen Jin­shan­ling en Simatai, een wan­del­ing van zo’n 10 kilo­me­ter. In alle vroegte, 10 over 6 wel te ver­staan, wer­den we door een tour­ing­car opge­haald en richt­ing Jin­shan­ling gere­den. Rond 10 uur kwa­men we daar aan. Met een groep van zo’n 30 man begonnen we aan de wan­del­ing. De kabel­baan naar boven, die ons een flinke klim had moeten besparen, was niet oper­a­tion­eel. En tot over­maat van ramp was het verwachte zon­nige weer, 18 graden warm, ook uit­ge­bleven. In plaats daar­van hing er een zeer dikke mist rond de muur.

De eerste ander­half uur van de wan­del­ing waren ron­duit afzien. In tegen­stelling tot wat de foto’s in brochures doen ver­moe­den, ver­keert de muur voor het groot­ste deel in een uiterst slechte staat. Veel erosie heeft plaats­gevon­den en boeren hebben daar­naast veel van de ste­nen en aarde voor hun eigen doe­len gebruikt. Het was dus klauteren geblazen. Op veel stukken ont­braken kan­te­len, bestrat­ing en trap­tre­den. We zochten ons een weg door gruis en mist. Jam­mer, we genoten er niet echt van.

Pas tegen de mid­dag kwa­men we in de buurt van Simatai en begonnen zowel het weer als de muur zien­dero­gen te ver­beteren. Het klauteren werd weer klim­men en soms zelfs wan­de­len. De tocht ging ook weer meer bergafwaarts en door­dat de mist langzaam optrok kre­gen we ein­delijk ook een beeld van die won­der­lijke plaats. Achter ons zagen we de muur over bergruggen kro­nke­len. In die buurt ook kwa­men we een Engels stel tegen dat, vlak voor hun pen­sioen, in hun nette kloffie de muur in de tegen­overgestelde richt­ing wilde bed­win­gen. Ik heb ze aanger­aden recht­som­keerts te maken. Ze keken me raar aan, maar werke­lijk, ze gin­gen hun onheil tegemoet.

Er was een deel van de muur bij dat zo steil omhoog ging, dat zo slecht was, dat ik blij was dat een ‘sherpa’ (feit­elijk een boerin uit de buurt die wat bij probeerde te ver­di­enen) ons tipte dat er ook een sluiproute was. Weliswaar was ook die route van een hoog sur­vival­ge­halte, maar hij was lang zo steil en glib­berig niet.

Het einde van de tocht werd gemar­keerd met een lange hang­brug (Indi­ana Jones stijl) en een kabel­baan (type tokke­len) waar­langs je de laat­ste kilo­me­ter naar­bene­den kon afs­ni­j­den. Judica was moedig genoeg, ik bleef achter om foto’s te maken en het wan­del­pad naar bene­den te inspecteren. Somebody’s got to do it…

  • Print
  • Facebook
  • Google Bookmarks
  • PDF
  • Twitter
  • Hyves

Stuur een reactie