Ourwalkabout.nl is a blog about the world trip Michiel de Wit and Judica Wondergem are making in 2010.


11° 57' N, 108° 26' E
12 April 2010, 14:47

Van de zee in de drup

9. Eindeloze kronkelwegen

Aan al het goede komt een einde en dus moest heer­lijk, gemakke­lijk Hoi An uitein­delijk ook wijken voor avon­tuur, voor het onbek­ende. Gis­teren, wel te ver­staan. De slaap­bus nam ons na een laat­ste dagje strand om 7 uur ‘s avonds, net nadat we op de val­reep Chris en José nog gedag had­den gezegd, mee op een 11 uur lange rit naar Nha Trang. Die grote bad­plaats fungeerde slechts als tussen­stop in een lan­gere reis, eindi­gend in Da Lat, een provin­ci­es­tadje in het Viet­namese cen­trale hoogge­bergte. De bus­reis was lang en ondanks onze goede ideeën over een ide­ale slaap­plaats in de bus (achterin, want meer been­ruimte) sliepen we maar weinig: de achter­ste stoe­len bleken het meest te lij­den te hebben van de slechte wegen. Het was een groot slapeloos gestuiter.

Moe en brak kwa­men we in Nha Trang, een prachtige bad­plaats – maar zee had­den we al genoeg genoten. Een snel ont­bijt en wat foto’s op de boule­vard waren alles wat we ons in de korte trans­fer­tijd kon­den per­mit­teren. Nog zeven uur (zit)bus vol­gden. Die tijds­duur viel ons wat tegen: op de kaart was het slechts een klein stukje, zo’n 200km, maar de vele kro­nkel­we­gen langs de kust en later omhoog richt­ing de hoogvlakte waarop Da Lat ligt maak­ten dat 30 km/u al heel vlot was voor de bus. Overi­gens wer­den we ook nog twee keer ergens gestald om wat te drinken en te lunchen, uit­er­aard bij vrien­den van de bus­maatschap­pij. Zo gaat dat. Overi­gens geen ver­keerde lunch en en pas­sant kre­gen we nog een paar mooie Cham torent (vanaf een afs­tandje) te zien.

Omdat we vooraf geen hotel had­den geboekt, was onze eerste pri­or­iteit van­mid­dag (zo’n 3 uur naar het mid­daguur) om een goed­kope slaap­plaats te vin­den. Gelukkig ston­den de hoteleige­naars elkaar te ver­drin­gen bij de kleine lad­ing touris­ten die onze bus uit­spu­ugde. Een dametje riep “7 dol­lar for a room” en dat klonk pre­cies goed. Na wat onder­han­de­len kre­gen we er voor een dol­lar nog een ont­bijt bij. Ze liep met ons mee naar het hotel — “Long Binh”, geen idee wat dat nu weer betekent – en toonde ons de kamer… met 6 slaap­plaat­sen! Ver­baasd vroe­gen we haar naar het mis­ver­stand: we had­den een privékamer geboekt, geen slaapzaal! Een tweede dametje schoot te hulp en beloofde ons dat we de kamer voor onszelf zouden hebben. Het is hier niet al te druk, dus dat leek redelijk.

Daarna op zoek naar wat te eten. We trof­fen op straat een ‘easy rider’, een motor­ri­jder die tours ver­zorgt. Onder het genoe­gen van een drankje op een klein ter­ras lieten we ons ver­lei­den tot het boeken van een dag­tour voor mor­gen. Hij had ladin­gen foto’s en aan­bevel­ings­brieven (ook in het Ned­er­lands) en wist ons zo te over­tu­igen. 35 dol­lar leek een redelijke prijs voor een dagje weg met twee gid­sen. Heel benieuwd.

Onder­wijl was het begonnen te hozen. Bruin water over­spoelde de straten en veran­der­den het wegdek in een snel­stromende riv­ier. Heel extreem en vol­gens onze toekom­stige gids (Hong genaamd, als in ‘Hong Kong’) ook tamelijk uit­zon­delijk voor de tijd van het jaar. Het regen­seizoen begint pas later. Inmid­dels ligt Judica (voor de zek­er­heid) al onder de klam­boe in een van de 3 tweep­er­soons­bed­den en maak ik me klaar om het­zelfde te doen. Eerst nog even naar het balkon om dit ver­haaltje online te zetten; want dat is nu een­maal de enige plek waar we draad­loos Inter­net hebben. Het is even wen­nen, weg uit de luxe en in de drup van Da Lat…

  • Print
  • Facebook
  • Google Bookmarks
  • PDF
  • Twitter
  • Hyves

Stuur een reactie