Ourwalkabout.nl is a blog about the world trip Michiel de Wit and Judica Wondergem are making in 2010.

22 July 2010, 10:38

Weer terecht

Een korte dien­stmed­edel­ing. In de geringe momenten van ledigheid die het drukke reizigers­bestaan mij laat heb ik kans­gezien een veelvuldig ger­ap­por­teerd prob­leem met de web­site (ein­delijk) naar een andere wereld te helpen: reac­ties die bij onze stuk­jes geplaatst wor­den komen ein­delijk weer op de goede plaats terecht. Voorheen wer­den, door een onduidelijk prob­leem, reac­ties bij schi­jn­baar willekeurige ver­haalt­jes geplaatst. Dat alles, lieve mensen, is dus verleden tijd. Neem de gele­gen­heid ten baat om dit moois gerust eens uit te proberen.


24° 20' N, 109° 25' E
22 March 2010, 15:18

Reiziger zijn

Vijfen­twintig dagen onder­weg. Judica en ik zijn reizigers gewor­den. Nog nooit ging ik zo lang op reis. Vanavond luis­ter ik voor het eerst naar muziek op mijn MP3 speler. Ik verveel me niet, er gebeurt altijd wel iets en als er even niets gaande is, is dat met opzet om te rusten.

Buiten schi­eten land­schap­pen voor­bij. Nu donker, eerder nog ver­licht door een zon die de afgelopen dag steeds warmer is gewor­den. We kruisen de kreeftskeerkring en komen in sub­tro­pisch gebied. Alles veran­dert en tegelijk­er­tijd bli­jft er ook zoveel hetzelfde.

Naast me ligt mijn rugzak. Mijn huis. Inmid­dels weet ik de weg in huis. Ik sjouw al meer mee dan toen ik uit Ned­er­land vertrok. Een nieuwe broek uit Peking, ook een paar t-shirts. Onder­weg heb ik drie speld­jes verza­meld, één met het trotse gezicht van de grote Khan, wat ster­ren en een paleis op rood uit China en een statig gebouw uit Irkutsk. Maar niet alles heeft het gered. Een ther­mome­ter moest achterbli­jven omdat hij rode tra­nen plengde en mijn bru­ine afrits­broek heeft onbe­doeld een niet-zo-sexy open kruis gekregen.

Het leven was tot nu toe con­formta­bel. Aankomen, dat lev­ert wat stress op. Je weg zoeken. Waar kun­nen we eten kopen? Waar kun­nen we ‘s avonds iets bikken? Wat is leuk? Ste­den zijn dan makke­lijk. Nu trekken we door naar Viet­nam. Voor­lopig mij­den we de ste­den een beetje, want stadsmoe. Maar in ste­den spreekt men Engels, is alles veilig en een­voudig. Buiten wordt het handen-en-voetenwerk. We houden ons beeld­wo­or­den­boek paraat.

Van­mid­dag hebben we ken­nelijk een­den­maag­jes gegeten. Het was wat taai, maar zag er beslist smake­lijk uit. Ik dacht aan­vanke­lijk een soort rund­vlees op de scho­tel te hebben zien liggen. We had­den geen idee wat te bestellen en wezen dus maar iets bij iemand aan. Inter­es­sante gewaar­word­ing. Het was smake­lijk, maar wetende wat het was had ik het nooit besteld. In Viet­nam eten ze alles. Vri­jwel let­ter­lijk. Som­mige dier­soorten wor­den door de Viet­namese eetlust zelfs bedreigd.

Nog een uurtje of drie eer onze trein halt houdt in Nan­ning. We maken ons klaar om China te ver­laten. Viet­nam lonkt. Maar weg zijn we nog niet. Reizigers moeten zelf voor hun ver­voer zor­gen. Hoe komen we in Viet­nam? De trein, waarschi­jn­lijk. Maar zijn er niet ook bussen? Miss­chien is dat wel goed­koper? Hoe lang doet zo’n bus er dan over? Com­fort? Toch maar de trein doen dan? 35 dol­lar is niet veel voor een trein­reis. Hoe staat het trouwens met ons dag­bud­get? Leven we niet te duur? Maar ach, van­daag hebben we maar zes euro uit­gegeven, dus dat gaat dan toch wel goed? Alle­maal vragen.

Onze Chi­nese reisgenoot snurkt. Veel mensen snurken. Naar­mate mensen dichter­bij bij je oor slapen, snurken ze harder. Dat is de regel. Gelukkig heb ik oor­dop­jes bij me. Trein­banken slapen overi­gens toch niet echt lekker, dus veel slaap mis is door de zagerij eigen­lijk niet. Nog een paar lied­jes luis­teren en dan zelf ook nog even op een oor gaan. Wij zijn reizigers.


51° 47' N, 4° 37' E
4 February 2010, 22:31

Viz a viz

De pre-reisdag van van­daag in het kort: nieuwe fiet­sen­stalling in ‘s-Gravendeel; paspoorten (met visa) ein­delijk weer terug; pre­sen­tatie zon­der eind­bazen een suc­ces. Miss­chien moet ik nog een korte toelicht­ing geven. Head­lines werken op TV beter dan hier, bij mij op m’n witte scherm.

Vanocht­end, in alle vroegte, waren er al ‘werk­lieden’ bezig op het bussta­tion van ‘s-Gravendeel (Bussta­tion is hier een eufemisme voor een lusvormige uit­stulp­ing in de weg waar weleens bussen gezien wor­den). Ze waren nieuwe fiet­sen­rekken aan het plaat­sen. Zo vlak voor de gemeen­ter­aadsverkiezin­gen wordt natu­urlijk enige daad­kracht verwacht, en die kan de burger dan ook kri­j­gen, zelfs als daar­voor vijf zie­len onre­delijk vroeg hun warme lap­pen uit moeten. De hele matineuze oper­atie verk­laart wel waarom ik gis­teren mijn fiets kwijt was. Waarschi­jn­lijk hebben dezelfde werk­lui (of ver­wan­ten) al met de fiet­sen lopen sleuren. Verder weinig belangstellend.

Dat de visa klaar zijn is groter nieuws. We waren er al een flinke tijd op aan het wachten. Via het Inter­net vol­gden we trouw de beweg­in­gen van onze paspoorten langs ambas­sades in Den Haag en Brus­sel. Van­mid­dag kon­den we de stick­ers en stem­pels die het tast­bare bewijs van de reis­lust van onze legit­i­matiebe­wi­jzen vor­men in ogen­schouw nemen. Prachtig! Dig­i­tale beelden vol­gen spoedig, al waarschuw ik nu vast dat de holo­gram­men die zowel de Russen als de Mon­golen op hun visum­stick­ers gezet hebben het waarschi­jn­lijk als bits en bytes min­der goed zullen doen. Overi­gens waren de rode boek­jes per abuis naar ons oude huis — nu dicht­ge­spijk­erd en slooprijp — ges­tu­urd; per aangetek­ende post, dat wel.

En dan het laat­ste nieuwsitem: pre­sen­tatie van mijn ‘prod­uct’ aan mijn collega’s, van­mid­dag. Dat klinkt grootser dan het was. Feit­elijk was het een praatje pot met wat plaat­jes uit de tover­lan­taarn om het geheel wat offi­ciëler te maken. Lekkere (maar ook weer niet zo heel lekkere) stroop­wafels leuk­ten het even­e­ment nog wat verder op. De beide eind­bazen van het grote ren-je-rot spel dat bij ons op de zaak wordt gespeeld lieten zich bei­den excuseren. Iets met bru­ine bonen en uit­laat­gas. Enfin, het waren drie gezel­lige kwartieren die me boven­dien nog maar weer eens de gele­gen­heid gaven op te schep­pen over onze reis­plan­nen en het almaar slink­ende aan­tal dagen alvoor die werke­lijkheid wor­den. Zomaar een dag…


51° 47' N, 4° 37' E
3 February 2010, 22:46

Eigen plek

Vaker dan me lief is merk ik dat din­gen voor mij liefst een eigen plek moeten hebben. Een slecht, maar daarom niet min­der noe­menswaardig voor­beeld is bijvoor­beeld mijn fiets. Ik vind het fijn als mijn fiets zijn eigen plek heeft en houdt. Van­daag bijvoor­beeld, kwam ik na mijn werk uit de bus, om ver­vol­gens 5 goede minuten te moeten spenderen aan het zoeken naar mijn fiets.

Het bussta­tion van ‘s-Gravendeel is, zo weten slechts weini­gen, weinig meer dan een bypass in de toch al niet zo heel drukke hoofd­straat van het dorp. Behalve twee hal­te­hok­jes vind je er nog drie fiet­sen­rekken. In het linker rek had ik vanocht­end mijn fiets gezet. Niet zo solide, maar half in het rek (want haastige spoed), maar vol­doende voor een dagje, dunkte mij. Van­mid­dag was hij dus weg.

Na veel turen en kraken vond ik uitein­delijk mijn fiets, non­cha­lant leunend tegen het bushokje voor de lij­nen richt­ing Dor­drecht. Wat deed hij daar? Het slot zat er nog altijd op en zelfs zon­der dat slot zou mijn fiets — het is niet echt een avon­turier — vast niet zo ver van zijn eigen plekje zijn afged­waald. Iemand heeft mijn fiets verplaatst!

Nog 22 dagen van onze werel­dreis ver­wi­jderd, is de zorg nu eerder dat ik die eigen plaats van din­gen zo belan­grijk vind, dan dat ik me wezen­lijk opge­laten voel door de gea­museerde blik van het tiener­meisje in het bushokje aan de overkant. Hoeveel eigen plek krijg je op een werel­dreis? 80 liter, of zoveel als er werke­lijk in mijn rugzak past. Te klein voor een fiets, in elk geval…