Ourwalkabout.nl is a blog about the world trip Michiel de Wit and Judica Wondergem are making in 2010.


20° 4' N, 102° 37' E
21 May 2010, 11:13

Kuang Si je weer

Boven bij de poel stroomt ook water van grote hoogte

We zijn al in Thai­land maar hebben niets geschreven over wat we gis­teren nog hebben gedaan voor­dat we op de bus stapten.

De water­vallen van Kuang Si waren zo betov­erend dat ik graag nog een keer terug wilde. Gis­ter­mid­dag hebben we samen met wat andere toeris­ten een tuk tuk gepakt en zijn erheen gereden.

Deze keer zijn we hele­maal naar boven gelopen naar een ‘geheim’ poeltje. Hier­voor moesten en een ‘track’ ofwel spoor vin­den wat naar het poeltje liep. Het was niet zo makke­lijk want het spoor liep door/ over een watertje maar toen we er een­maal waren was het geweldig!

Gewoon om nog even de foto’s te delen dit berichtje.


19° 53' N, 102° 8' E
21 May 2010, 6:08

de Lao en olifanten

Voor­dat we Laos ver­laten nog even iets meer over de olifan­ten­tour. Hoe stuur je een olifant en heb je het idee dat het een beetje lukt? Er zijn veel ver­schil­lende commando’s voor de olifan­ten. Ze luis­teren op zich wel naar de commando’s (vooral als je ze daar­bij fysiek wat aans­poort) maar het beste luis­teren ze naar hun eigen mahout.

De commando’s die wij geleerd hebben (fonetisch in het NL geschreven)

Paj: ga/ loop
Saj: links
Kwa: rechts
Soeng: Poot optillen ( om erop te klim­men)
Hauw: Stop
Mep Long: liggen of onder water gaan
Bong bong: drinken
Zoo: Sleep ket­ting dichter­bij
Bonn: Haal iets uit de weg (hoog)
Toi: Achteruit
Ben: Omdraaien

Verder nog even een korte terug­b­lik op Laos en de Lao. We waren aan het begin geshoc­k­eerd toen we uit Viet­nam waren. De Lao zijn zeer relaxte mensen. Ze hebben medeli­j­den met mensen die teveel denken of moeten doen. Over het alge­meen zijn ze ontzettend vrien­delijk en niet zo com­mer­cieel ingesteld. Soms als we ergens kwa­men en wilden eten of iets kopen leek het bijna teveel moeite om voor ons op te staan.  Dit was niet overal zo en als je geholpen wordt dan is de vrien­delijkheid wel zo groot dat ze je goed helpen of dat je lekker eet.

De olifan­ten­trip was wat dat betreft echt anders. De mahouts hebben een zware baan aan de ene kant, maar ook een droom­baan aan de andere kant. Elke ocht­end voor dag en dauw op om de olifan­ten te halen en als er toeris­ten zijn rij­den ze achterop op de olifant, of ernaast. Het is een gezel­lige boel en als de olifan­ten zijn ‘gestald’ om even ergens te eten dan knap­pen de mahouts een uiltje. Ze lopen, klet­sen en lachen veel en ‘s mid­dags om een uur of 4 zijn ze klaar.

Verder is het in heel Laos erg gebruike­lijk om een winkel aan huis te hebben. Dan lig je dus lekker tv te kijken en als er iemand langskomt dan loopje even naar de balie. Alles gaat heel rustig en daar hebben we wel eens aan moeten wen­nen. Zo hebben wij tij­dens de tours de bin­nen­lan­den in en op de brom­mer hele fam­i­lies zien rond­hangen waar­bij er niets werd gedaan. Navraag wees uit dat ze 1 keer per jaar rijst planten en oog­sten en dat is tij­dens de reg­n­tijd en dat ze eigen­lijk de rest van het jaar niets te doen hebben. Dat heeft iets te maken met de instelling denken wij,  jezelf nut­tig maken kan altijd.

De meeste Lao willen zoveel mogelijk geld voor zo weinig mogelijk werk. Of liefst geld voor niets. Laos is een relatief arm en cor­rupt land. De meeste pro­jecten (wegen, bruggen) wor­den door andere lan­den gefi­nan­cieerd. De Lao hebben zelf niet genoeg daad­kracht om dat te doen, helaas.

Wij vertrekken vanavond vanuit het prachtige en rustige Laos naar het momenteel gewel­dadige en poli­tiek insta­biele Thai­land. Eens kijken hoe de Thai verschillen.


19° 53' N, 102° 8' E
20 May 2010, 15:41

Laat maar vallen

16. Dr. Fish

Van­mor­gen was een matineuze ocht­end. Om de olifan­ten op te halen zouden we om half zeven vertrekken. Aangezien de enige actie was wat kleren aan­doen stond de wekker om kwart over zes. Om zes uur werd er opeens op onze deur gek­loptd oor de gids en schrokken we wakker. Nor­maal ben ik echt een ocht­end­mens maar onverwachts eerder wakker wor­den doet ook niet veel goed voor mijn humeur.

Een half uur later vertrokken we met een bootje om de lange wan­del­ing te ver­mi­j­den. We liepen daarna de berg op en waren ver­baasd. Was dit waar we gis­teren met die enorme olifan­ten doorheen waren gelopen? Een stukje hoger was het antwo­ord. Van de bam­boe bosjes die mijn Olifant (Ghum­day) had­den ver­bor­gen was niet veel meer over. Daar­ente­gen had ze wel hier en daar mooie com­pacte ver­teerde bam­boe op de grond gelegd. De olifan­ten zit­ten ‘s nachts aan een meter­slange ket­ting (anders lopen ze naar de dor­pen of raken zoek) om hun poot vast aan een boom. De mahoet maakte de ket­ting los en de olifant trok de ket­ting naar een plek zodat de mahoet dit voorzichtig op haar nek kon leggen. Geweldig die samenwerking.

Hup klom ik op de nek en we leiepn naar bene­den waar­bij de olifant op com­m­mando storende takken voor mijn hoofd weghaalde. Na nog kort te hebben gebad­derd was het dan tijd om afscheid te nemen van de olifan­ten. Met een slur­fknuffel was het een niet zo emo­tion­eel afscheid.

Na een ste­vig ont­bijt klom­men we in de kayak want van­daag was er een druk pro­gramma. De kayak tocht was leuk maar we merken dat we dat ook een beetje zat wor­den. Dit was wel de eerste keer dat we echt met stroomver­snellin­gen te maken had­den en daar zijn we samen ongeschon­den uitgekomen.

Bij terugkomst in Luang Pra­bang ging de tocht verder. Met een mini busje wer­den we naar dee KuongSi water­val gere­den. Een tochtje van een half uur waar­bij we beide de ogen amper open kon­den houden. Bij de water­val een klein stukje lopen en daar was het dan. Cen­ter Parcs in het echt. Diep blauw water met ver­schil­lende plateaus waar het vanaf liep. We zijn omhoog gelopen en waag­den onze eerste stap­pen in het water. Het blauw van het water gaf ook de tem­perea­tuur weer. Ijskoud.

Het water bleef aantrekke­lijk en we zijn er ver­schil­lende keren inge­spron­gen. Bij een lager gele­gen water­val was er een hoge water­val waar je vanaf kon sprin­gen, doo­d­eng maar ook wel weer erg gaaf. Het touw waarmee je het water in kon sprin­gen heb ik ook ent­hou­si­ast gebruikt. Een paradijs op aarde, ik hoop dat de foto’s een beetj een beeld geven.

Ik weet niet of je ooit geho­ord hebt van ‘dr Fish’. Dit is een spa behan­del­ing waar­bij spe­ciale vis­sen de dode huid­cellen van je lichaam eten zodat je een heer­lijk zacht huidje kri­jgt. In dit water zaten deze vis­jes ook en ik heb geprobeerd ze op de foto te zetten. Uit­er­aard waren het er te weinig voor een ‘behan­del­ing’ maar het was echt gaaf.

Van­daag zijn Michiel en ik 3 jaar samen. De din­gen die we van­daag hebben gedaan en gezien zorgden ervoor dat het een hele bij­zon­dere dag was. Vanavond zijn we uit eten geweest en ik vrees dat we er voor tien uur inliggen maar wat een dag.

Mor­ge­navond stap­pen we op de bus naar Chi­ang Mai (noord Thai­land). De bus­reis duurt bijna 24 uur (met een boot­tochtje over de grens, grensperike­len en pauzes inbe­grepen) dus we zullen daarna wel moe zijn. Omdat de pas ‘s avonds vertrekken denk ik dat de kans groot is dat we nog een keer naar die paradi­jselijke water­val gaan.


19° 53' N, 102° 8' E
19 May 2010, 16:15

Olifantastisch

16. Onderweg nog een stenenbakkerij

Ter­wijl overdags de grote dieren dom­i­neer­den, bleek de nacht vooral het domein van de kleine beestjes. Er zaten drie nare spin­nen in de bad­kamer toen we wilden gaan slapen en onze klam­boe werd door­lopend bestookt door alles met vleugels en honger. Ook nu weer, na een dag lang olifan­ten, zit ik op bed ter­wijl overal om mij heen beestjes hun avond­pro­gramma uitvo­eren. Maar daarover zal ik verder zwi­j­gen, er zijn immers ‘grotere’ zaken te bespreken.

Omdat we wat te lui waren om 5 uur ‘s ocht­ends al op te staan en op excur­sie de jun­gle in te gaan, begroeten we onze ges­lurfde vrien­den pas tegen 8 uur, nadat ze door de mahouts van hun nachtelijke verblijf op de berg waren terugge­haald. De slur­fies had­den nog wat slaap in de ogen en hun tanden niet gepo­etst, dus een bad was noodza­ke­lijk. En wij mochten mee doen. Bad­deren met een olifant is een raar geheel: alles en iedereen wordt nat en er wordt veel geroepen en geduwd. Olifan­ten hebben ken­nelijk instruc­tie nodig om te weten hoe ze in bad moeten gaan. Kopje onder op com­mando, billen onder water op ver­zoek en als je even niet oplet ook een slurf vol water over de rug gespoten op bevel. Judica wist op een onbe­waakt ogen­blik haar mahout van de olifant het water in te duwen ter­wijl mijn olifant ploe­terde om te begri­jpen dat de bedoel­ing was dat ze billen en kop tegelijk onder zou dompelen.

Een ont­bijt vol­gde, met roerei, een worstje en wat brood, om daarna de olifan­ten naar een voed­er­plek te rij­den. Tegen het mid­daguur kwa­men we aan op een leeg rijstveld met daar­langs veel van des olifants favori­ete groen­voer. Vol ontzag zagen we toe hoe dikke takken wer­den weggek­naagd en hoe slim onze gri­js­neusjes met hun slurf de bast van de takken stripten (want dat is nu een­maal het lekker­ste deel). Wat een slimme dieren. Maar tegelijk zijn ze ook best eenken­nig en wat schrikachtig. Omdat de weg naar het groen daad­w­erke­lijk een weg was, kwa­men we zo nu en dan wat vrachtauto’s tegen. En ofschoon olifan­ten best een goede kans maken in een duel met een die­selfant, zetten ze het toch meestal liever op een rennen.

De mahouts waren zo lief om wat van hun eigen lunch te delen tij­dens een pic­nic aan het rijstveld, waarna wij op onze beurt bij terugkomst op de lodge wat van onze lunch met de mahouts gedeeld hebben. Gezel­lig, maar soms jam­mer dat we elkaar niet kon­den ver­staan. Alsof het leven van een fant alleen over rozen gaat, begonnen we ook de mid­dag met een bad, om daarna nog fijn een stukje te gaan wan­de­len. Het was al tegen drieën en tijd om het grut naar een geschikte plaats voor de nacht te bren­gen. Die von­den we op een berghelling, tamelijk steil, maar voor de bull­doz­ers onder de zoogdieren geen enkel probleem.

Op onze wan­del­ing terug kwa­men we nog langs een steen­fab­riek, waar bak­ste­nen wer­den gemaakt van plaat­selijke klei en ter plaatse gebakken. We maak­ten wat lol met de mahouts en hebben ons daarna op de ranch nog in een bootje laten drop­pen voor een stukje tuben. Alle­maal erg leuk, zeker ook omdat we alles met een allervrien­delijkst Oost­en­rijks paar kon­den delen. De avond­maaltijd smaakte weer uit­stek­end en met enige spijt (maar ook vol schram­men, schaaf­wond­jes en blauwe plekken) kijken we uit naar de laat­ste dag. Overi­gens is dat ook meteen de dag dat Judica en ik pre­cies 3 jaar samen zijn, dus we zullen niet te lang stil­staan bij het afscheid van onze trompet­tis­ten en vooral veel plezier maken en geni­eten. Het is hier fantastisch!


19° 53' N, 102° 8' E
18 May 2010, 15:41

Olifantenziek

22. De geparkeerde olifant

De eerste dag van onze olifan­ten­tour. We zijn opge­haald van­mor­gen en naar het park gere­den. In een busje met alle­maal dag­to­eris­ten dus we hebben aangegeven dat we eerst naar de eco lodge wilden (want veel tassen). Daar aangekomen kre­gen we ons huisje toebe­deeld. Een prachtig houten gebouwtje met een veranda, twee bed­den en een enorme bad­kamer. De WC wordt gespoeld met riv­ier­wa­ter en er zijn alleen natu­urlijke mate­ri­alen gebruikt. Het is onzettend luxe en toch ontzettend basic.

In het huisje lagen ook onze uni­for­men te wachten. Als je langer dan 1 dag bli­jft krijg je een soort spijk­er­stof uni­form, niet char­mant, maar je kri­jgt wel elke dag een schone want olifan­ten geven mod­der af. Nadat we in de kleren zijn gespron­gen was het terug met het bootje de riv­ier over naar de olifan­ten. Er is nog een ander stel (Oost­en­rijk­ers die in Sin­ga­pore wonen) die gis­teren een 4-daagse tour zijn begonnen en met wie wij de komende dagen het pro­gramma doen.

Op naar de olifan­ten voor de eerste ‘rit’. Dit keer nog met stoeltje erop maar ik mocht direct op de nek plaat­sne­men ter­wijl de mahoet (dat is de verzorger/ diegene die de olifant rijdt) plaat­snam naast Michiel op het stoeltje op de rug. Wat zijn die beesten hoog zeg! Ongelovelijk en dan had­den we nog niet eens de groot­ste. Je kunt je eigen­lijk ner­gens aan vasthouden en het meest logis­che is om je han­den op zijn hoofd te leggen en je benen achter de oren te laten bun­ge­len. De andere optie isje benen op te trekken en jeknieen op het begin­punt van de oren te leggen.

Na een half uurtje had ik het voorop wel weer even gezien. Het is toch erg span­nend en de tocht door de jun­gle ging soms naar bene­den. Als je niets hebt om je aan vast te houden voelt dat erg onveilig. De trip ging ook direct door water waar­bij de olifan­ten ons terug brachten naar de eco lodge.

Tijd om de train­ing te begin­nen. We kre­gen een blaadje met daarop de meest gebruikte commando’s (links, rechts, ga, stop, liggen, poot geven om erop te klim­men, achteruit,niet doen, omk­eren etc.). Na de uit­spraak te hebben geoe­fend was het wel handig die uit je hoofd te leren en dat hebben we gedaan tij­dens een heer­lijke lunch. Daarna mochten we voor het eerst beide zelf op een olifant. Weer ongeveer het­zelfde rondje maar nu zelf proberen de olifant vooruit te kri­j­gen. De route was bij de dieren bek­end en het bleek niet zo moeil­ijk omdat de mahoet ook hielp.

Aan het­einde van het rondje waren we weer terug bij de eco lodge en gin­gen een aan­tal dag­jes­mensen eerst met de olifan­ten ‘in bad’ in de riv­ier. Geweldig om te zien hoe som­mige olifan­ten je hele­maal nat­spuiten of gewoon op com­mande kopje onder gaan ter­wijl er iemand op zit.

Nu waren wij aan de beurt. Weer op dezelfde olifant, mahoet achterop en het water in. Wel een beetje raar als de olifant onder water gaat. We had­den alle­bei geen olifant die kon sproeien, dus het bleef bij kopje onder gaan. Uit het water liepen we direct door om de olifan­ten de jun­gle in te bren­gen waar ze slapen. Ze wor­den dan vast­ge­maakt met een lange ket­ting aan een boom in een bam­boer­ijk gebied zodat ze de rest van de avond kun­nen eten.

De trip naar de plek duurde ongeveer 1,5 uur en in die tijd moesten we zelf sturen. Het is ongelovelijk hoe zo een grote olifant door zulke nauwe bosjes past. Boven wer­den ze soort van ‘ver­stopt’ tussen bam­boe­bosjes. Een pad waar je als mens al niet dacht doorheen te passen bleek ruim genoeg voor een olifant.

Wij zijn teruggelopen naar het dal (dwars door de jun­gle) en ik ben met de Oost­en­rijk­ers nog even gaan tuben. We wer­den 500 meter de riv­ier op eruit gezet en lieten ons met de stro­ming heer­lijk terug­dri­jven naar de eco lodge. Na het douchen wachtte ons een heer­lijk avond­maal. Het is nu iets voor 9 uus ‘s avonds en we zijn uit­ge­blust. Wat een belevenis­sen allemaal.

We kon­den kiezen of we morgenocht­end mee wilden de olifan­ten ophalen in de jun­gle. Op zich erg leuk maar om half 6 min­i­maal een uur bergop in de jun­gle is voor mij een recept om de rest van de dag te moe te zijn om te geni­eten dus we gaan lekker om half 8 met ze in bad.

Ter­wijl ik dit schrijf voel ik nog de logge beweg­in­gen van deze prachtige en enorme dieren onder me. Is dit wat ze olifan­ten­ziek noe­men (ipv zeeziek)? In ieder geval is het uniek!


19° 53' N, 102° 8' E
17 May 2010, 14:13

Louang Prabang

12. Luang Prabang is prachtig

Om het gemis van cul­turele zaken in Vien­tiane in te halen en omdat gis­ter­avond naar meer smaakte zijn we van­daag rond de stad gaan lopen. Het voelt hier net als Europa. Vroeger was dit de hoofd­stad maar sinds grofweg 400 jaar is dat nu Vien­tiane. De stad had dus de poten­tie om te groeien maar is niet zo groot gewor­den. De Fransen hebben tij­dens hun kolo­niale peri­ode hier flink gebouwd en het voelt dan ook meer als een oud Frans dor­pje dan iets mid­den in de rimboe.

Een wan­del­route door de stad werd het dus, we begonnen goed met een achter­af­s­traatje en een paar mooie tem­pels. Het paleis ging helaas net dicht toen we eraan kwa­men en dus hebben wij ons gewaagd aan de 328 tre­den naar boven voor de mooiste tem­pel met stupa en een geweldig uitzicht. Wat een stad! Het is gewoon een dor­pje met veel groen en nog veel meer bloe­sems. Het ademt lente uit.

Na deze klim waren we even uit­geput en hebben in de schaduw aan de riv­ier genoten van een fruit­shake. De wan­del­ing verder hebben we afge­blazen, al hebben we uitein­delijk bijna alles wel gezien. Mor­gen willen we op tour en dus eens kijken wat er hier in de buurt te doen valt. Ik had al ver­schil­lende din­gen geho­ord over kayakken, olifan­ten, water­vallen en nog meer natuurschoon.

Na een paar tour­bu­reaut­jes wilde ik erg graag niet alleen een uur wor­den rondgere­den op een olifant maar het lief­ste ook met ze in bad. Dit was mogelijk in 1,2 of 3-daagse ver­sie. Na lang over­we­gen (het is best duur) hebben we nu een 3 daagse tour geboekt waar­bij we 2,5 dag leren hoe we zelf een olifant kun­nen beri­j­den, besturen, voeren en met ze in bad gaan. Daar­naast zijn er nog de treks op de rug van de olifant (in je een­tje, je stu­urt zelf de mahout loopt ernaast) door de jun­gle. Gaan we nog naar wat kleine dor­p­jes en een mon­u­ment van de Frans­man die Ankor Wat heeft ont­dekt. De laat­ste mid­dag kayakken we dan weer terug. Klinkt alle­maal erg span­nend en we hebben er dan ook zin in. Dat het 3 dagen is komt wel goed uit want op het moment zijn we begri­jpelijk nog niet zo heel erg hap­pig om Thai­land in te gaan.

We over­nachten in een eco lodge aan de riv­ier en verwachten niet dat we daar inter­net heben dus dat betekent weer 3 dagen radiostilte.

Voor­dat we de tour gin­gen boeken kre­gen we nog even eeng rote schrik. We wilden inloggen op inter­netb­nakierne en ook Michiels pas­jes deden het niet. Er ging een bel­letje bran­den, wat als niet de pas­jes maar de Ran­dom reader stuk was? Gelukkig hebben we er twee meegenomen en blijkt mijn pasje het ook gewoon nog te doen. Wij blij!

Na het boeken van de olifan­ten­trip zijn we nog even over de nacht­markt gewan­deld die langzaam werd opgezet. Michiel vond een prachtige arm­band in de vorm van een draak en we hebben nog twee mooie haarpin­nen uit­ge­zocht. Hele­maal happy!


19° 53' N, 102° 8' E
16 May 2010, 15:48

VIPs

4. Zomaar een kiekje

De ocht­end die ons vertrek vanuit feestdorp Vang Vieng aankondigde was een bewolkte, eerder dan een zon­nige. Het was alsof het dorp rouwde om ons vertrek. Dat is natu­urlijk een hoog­moedige gedachte, maar het hielp zeker het vertrek draaglijker te maken. Ons laat­ste VV-ontbijt was uit­ge­brei­der dan de ocht­en­den tevoren: Judica waagde zich aan een Amerikaans ont­bijt (baguette, omelet, patat, maar zon­der bacon) en ik genoot een ‘con­ti­nen­taal ont­bijt’ (een baguette met jam). Een fruithapje en dito shake erbij maakte het geheel tot een machtige maaltijd.

De bus die ons naar Luang Pra­bang moest bren­gen liet een beetje op zich wachten. Alle bussen die vanuit Vang Vieng te kri­j­gen waren wer­den als VIP bussen verkocht, dus we verwachten heel wat. De ram­melige oude bus (zon­der a/c) die we kre­gen stelde dan ook iets teleur, maar vold­eed verder prima. De waarschuwing die ons de Lonely Planet mee­gaf over de reis zelf bleek echter geen over­dri­jv­ing. Het advies luidde: mensen met wagen­ziekte dienen beslist voor­zorgs­maa­trege­len te nemen. De weg voerde in zijn volle 240 kilo­me­ter uit­slui­tend over kro­nke­lige berg­we­gen. Nu, in Luang Pra­bang aangekomen, kun­nen we geen haar­speld­bocht meer zien! De rit duurde 8 uur en bood weinig kansen voor een dutje door het onafge­bro­ken deinen van het VIP-vehikel.

Overi­gens was de rit zelf prachtig, juist ook door alle berg­pas­sages. De weg voerde ons langs won­der­schone uitzichten, aan­vanke­lijk op karst­ber­gen, later ook op wat min­der gril­lige bergen. Karst­ber­gen zijn een won­der op zich: som­mige steken gewoon­weg recht uit de grond de lucht in, anderen hebben scherpe ran­den en gril­lige wan­den. De bergen wer­den hoger naar­mate we Luang Pra­bang nader­den. Soms leek het land­schap op een groen laken waaron­der lucht was geblazen, zodat overal hobbels en gril­lige bul­ten waren verschenen.

Rond vijf uur van­mid­dag kwa­men we hier uitein­delijk aan. Onder­weg maak­ten we nog twee stops om wat te eten, maar veel trek had­den we door al het gehot­se­knots natu­urlijk niet. Eten stond bij aankomst dan ook nog niet hoog op de agenda, wel een lekker sta­biel, onbe­weeglijk bed. Dat von­den we uitein­delijk na wat zoeken in een klein, maar gezel­lig en allervrien­delijkst guest­house. Voor 6 euro verbli­jven we nu ongekoeld in een licht claus­tro­fo­bis­che kamer – maar met douchegordijn!

Overi­gens is de stad zelf prachtig. In het laat­ste uurtje daglicht dat de voor­ma­lig konin­klijke ned­erzetting over­goot had­den we dat al snel door. De stad ligt op het schierei­land dat wordt gevormd door een riv­ier die in de machtige Mekong vloeit. De sfeer is warm, mede door de vele in Franse stijl gebouwde huis­jes, de knusse straten en de overvloed aan Mekong-terrasjes. In de half­schemer­ing hebben we, aan de waterkant van de Mekong, nog roman­tisch gedi­neerd. Schilder­achtig mooi. Enfin, we red­den ons hier dus wel even. Miss­chien niet als VIPs, maar zeker wel als gewone back­pack­ende stervelingen.


18° 56' N, 102° 27' E
15 May 2010, 15:58

Let’s do the tube

7. In een prachtige omgeving

Na ons leuke kayak­tochtje gis­teren en de gezel­lige avond die erop vol­gde wilden wij ons ook eens vol in eht feestge­druis storten. Het meeste wordt er hier overdag gefeest; je neemt een tube (grote opge­blazen band) en laat je naar het begin­punt bren­gen. Dan kun je de riv­ier afd­walen en onder­weg bij een van de ver­schil­lende bars stoppen.

Er is in Vieng Vang mar één ver­hu­ur­punt van de tubes, oftewel het is een monop­o­lie en dat is te merken in de prijs. Een dagje één tube huren kost €5,50, oftewel meer dan onze hotelover­nacht­ing met zijn tweeen. We besloten zon­der tube te gaan aangezien het meest inter­es­sante toch de bar­ret­jes zijn. Vroeg als we waren lagen wij daar dan om 11:00in het water… hele­maal alleen. De rest van de toeris­ten sliepen nog. Het was heer­lijk rustig en we hebben in het zon­netje in het ondiepe water genoten. Na en tijdje werd het wat drukker en ging Michiel aan het bier (na een gratis shot alcohol).

Het was heer­lijk in de zon, met een muziekje en naar­mate het drukker werd spron­gen er ook veel mensen in eht water van de hoge torens en van de trapezes. We zijn langzaam de riv­ier wat afged­waald (ik had mod­der vol­ley­bal zien staan en kon het niet weer­staan). Het vol­ley­ballen was erg leuk alleen erg kort. Mijn medespel­ers wilden niet dat hun bier te warm werd.

Nog een stukje verder zwem­men om te kijken hoe zeer aangeschoten mensen van de hoog­ste trapeze en gli­jbaan afgle­den om met een harde (en soms pijn­lijke) plons te eindi­gen in het water. Het was heer­lijk om lekker toe te kijken al merk­ten we beide dat we toch grotere angst­hazen zijn dan verwacht.

Omdat we geen zin had­den om de riv­ier hele­maal af te dalen (nog 3 km zeer ondiep water tot het dorp) zijn we teruggelopen naar het begin (dat kan ook). Daar hebben we ons in het water geset­teld en toch maar nog wat buck­ets besteld. Heer­lijk koel in het water met uitzicht op 5 trapezes en veel beschonken toeristen.

Het enige verve­lend waren de lokale jonget­jes van een jaar of 9. In Laos is het niet gebruike­lijk als vrouw om een bikini te dra­gen, sterker nog, de meeste mei­den van boven de 7 gaan volledig gek­leed het water in. Het is al vaker gezegd dat wij toeris­ten overkomen als ‘West­erse hoeren’. Deze jonget­jes had­den dan ook volledig geen respect. Als toerist geef  je een kind natu­urlijk geen mep, maar onder het mom van spe­len wer­den ze toch erg bru­taal. Eerst spet­teren en als je dan terug spet­terd  met zijn allen. en dan gaan ze aan je angen waar­bij het vaak voorkomt dat ze met hun voeten onder je kont gaan of gewoon aan je bikini­topje trekken. ERG verve­lend, genant en voor­namelijk moeil­ijk om mee om te gaan omdat de helft van de mei­den zo beschonken was dat ze niet nor­maal kon­den rea­geren. Ik heb uit­er­aard met een blik en armge­baar duidelijk gemaakt dat ze bij me uit de buurt moesten blijven.

Michiel heeft later nog een joch onderge­duwd, die zat een leefti­jdsgenootje tot huilens toe te pesten, te slaan te duwen en verve­lende din­gen te zeggen (naja, het klonk niet lief) en dat jongetje was zeker 3 jaar jonger. Dat joch deed eerst onschuldig maar daarna is hij niet meer in de buurt gekomen. Opvoe­den is ook niet echt een van de sterk­ste pun­ten hier.

Een paar mei­den van rond de 20 kwa­men op het idee dat het leuk was elka­ars bikini topje af te pakken. Erg grap­pig tot­dat de lokale jonget­jes erbij kwa­men… en nog veel erger was dat ze even ‘ver­geten’ waren dat ze beide ook hun geld in hun topje had­den. Dus blut.

Oh well, wij lagen heer­lijk in de zon met onze whisky cola bucket. ‘s Avonds hebben we nog een afschei­dspan­nenkoek gehaald en nog even in de Friends bar gezeten. Zo hebben we alles gedaan wat stereotiep is voor Viang Vieng. Echt top, maar teveel par­ty­plek voor mij.


18° 56' N, 102° 27' E
14 May 2010, 16:09

Do nuts float?

16. Nacht in Vang Vieng

Vien­tiane was een belofte die niet hele­maal werd ingelost. Als hoofd­stad is het beslist een won­der­lijke plaats — relaxt, klein­schalig en nauwelijks ver­keers­drukte — maar er is niet zo heel veel te zien en te doen. Na twee nachten hun­ker­den Judica en ik naar wat actie. Tem­pels en tri­omf­bo­gen zijn fan­tastisch, maar hoe ver­houden die zich tot water­par­ti­jen en gezel­lige mensen? Geen eerlijk vergelijk miss­chien, maar een vergelijk dat we van­daag toch noodged­won­gen maakten.

Op het pro­gramma voor van­daag stond een tour. Vol­gens de brochure waren de hoogtepun­ten van het tochtje: de olifant­grot, een wan­del­ing door de rijstvelden, ‘tuben’ door een grot en 10km kayakken terug naar het dorp. De grot was klein en niet zo heel bij­zon­der (afgezien van het tem­peltje dat het her­bergde en een mooi ver­haal over een flamingo), de rijstvelden ston­den droog, maar alle wat­er­ac­tiviteiten waren dik de moeite waard.

In een trac­torbin­nen­band (een ‘tube’) door een grot dob­beren is een fascinerend idee. Geen idee wie het bedacht heeft, maar het was zeker grap­pig en verkoe­lend. Om met een optocht van touris­ten langs een touw — liggend op je rug in een reuzen­donut, kont in het water — een doo­d­lopende grot in te dri­jven is geen vanzelf­sprek­ende activiteit, maar wie het bedacht heeft is beslist rijker geworden.

Een lunch in een hutje bij de grot, bestaande uit gebakken rijst, spies­jes en wat brood en bana­nen, stilde de honger en lei­dde de vracht­wa­gen­rit naar de riv­ier in. Kayakken tussen karst­ber­gen is prachtig, maar het enorme con­trast met wat we halver­wege trof­fen — het voelde als een anachro­nisme — was over­don­derend. De lokale mid­den­stand had diverse bar­ret­jes aan de riv­ier opgericht en als trekkert­jes aller­lei attrac­ties van bam­boe gebouwd, uiteen­lopend van trapezes, kabel­baan­t­jes tot een reuzengli­jbaan. De harde muziek en de vele zwem­mende (en drink­ende) back­pack­ers vor­m­den een won­der­lijk aanzicht. Na een paar minuten (en een emmertje) kwa­men we al wat in de stem­ming en hebben we ons prima weten te ver­maken. De laat­ste paar kilo­me­ters naar het dorp waren daarna natu­urlijk wel wat zwaarder…

Nu zit­ten we weer in een soort hip­pie sit-in in een hoekje van een bar, met mensen van aller­lei naties te geni­eten van de warmte en gezel­ligheid die reizigers in dit dorp onder elkaar kun­nen delen. Een bij­zon­dere ervar­ing — niet in de laat­ste plaats door de ver­rukke­lijk pan­nenkoeken met chocola an pin­dakaas en de heer­lijke fruit­shakes — en een die ons zeker met een warmer gevoel de rest van onze Laos­reis in stu­urt. En om de vraag te beant­wo­or­den: donuts float, the nut­ties don’t.


18° 56' N, 102° 27' E
13 May 2010, 15:07

Laosbollen

De bus van half tien vertrok pre­cies vol­gens schema een uur te laat. Nie­mand hier lijkt daar­van op te kijken, maar ik ver­baasde me er over. Wat voor zin heeft een dien­stregeling als je hem niet gebruikt? Enfin, ik klaag er niet te lang over; de bus heeft ons net­jes van hoofd­stad Vien­tiane (of zoals ze hier zeggen, Wing Chang) naar het paradijs voor los­bollen Vang Vieng gebracht. Het duurde een kleine 6 uur, maar de mini-ventilators en het briesje dat de vele open ramen teweeg brachten maak­ten het zeker draaglijk.

We waren al van plan om naar Vang Vieng te gaan, gewoon omdat het zo’n leuke plaats schi­jnt te zijn om wat sportie­vere din­gen te doen. Maar we waren ons niet bewust van de mod­erne rep­u­tatie van dit oord. Toen ik hier een rondje liep om ons een mooi hotel te vin­den viel ik van de ene in de andere ver­baz­ing. Ten eerste is het hier heel touris­tisch (op een back­packer manier), maar vooral opval­lend waren de vele relaxte lounge­plekken, hang­mat­ten, hangkussens en ander hang­goed. Vang Vieng biedt onderdag aan zulke illus­tere zaken als de Happy Shake, de Happy Pizza en de Happy Pan­cake, alle voor het plezier ver­rijkt met lokaal geteelde mar­i­huana, paddo’s en opi­aten. Je moet het maar weten, want in een melige bui bega je anders zomaar een ver­giss­ing. Overi­gens verk­laart al die hip­pie hap­pi­ness wel het grote aan­tal hanggelegenheden.

Mor­gen gaan we sportief doen, hebben we besloten. Eerst wat wan­de­len (een grot!), dan in een trac­torbin­nen­band (ofwel ‘tube’) door een grot (!) dri­jven om ver­vol­gens in een dor­pje plakri­jst en brood van bana­nen­blad te eten en in een kayak de lokale riv­ier terug naar Vang Vieng af te zakken. We hebben ons laten vertellen dat op die boot­tocht diverse bar­ret­jes aan de kant gesitueerd zijn, alles ter ver­hoging van de feestvreugde. Daar­naast is er de mogelijkheid om aan lia­nen de slin­geren, te ‘jumpen’ en in een rare schom­mel te… schom­me­len. Alle­maal inbe­grepen. Reken vast op een paar leuke plaat­jes met Judica op de voorgrond.

Tot die tijd gaan wij hier nog maar even chillen. Geen Happy Beer en Happy Sand­wiches, maar miss­chien wel een paar reruns van Friends (er is hier werke­lijk een café dat zich daarop toelegt). Wat zijn we toch een gekkerds…