Zo… daar zitten we dan. Onze billen uit te rusten na een lange (maar geweldige) dag op de brommer.
Vanmorgen uitgecheckt uit het hotel en naar de garage waar de brommers gestald stonden. Na wat oefenen zaten de grote rugzakken goed vast.
Daarna de tour door de ‘jungle van Saigon’. Zonder kaart, met aanwijzingen van Chuong en uiteraard verkeerd gereden. Ons nieuw gekochte kompas (de mini kompasjes zijn helaas al allemaal stuk) hielp goed want we moesten gewoon noordelijk gaan. Na 1,5 uur rijden waren we eindelijk in iets meer landelijke omgeving en was het hoog tijd voor een stop.
Die brommers zijn geweldig, maar je krijgt er echt een houten kont van. Na het afstappen trilden onze handen nog even door. De man van de winkel leek soort van vereerd dat wij er waren. Na de drankjes nog even naar toilet (Mongolie stijl) en Michiel stond al bij de brommer. Hij had de kaart op mijn brommer gelegd en ik heb het niet gezien ben opgestapt en we zijn weggereden. Na 7 km kwamen we erachter dat we de kaart kwijtwaren. Flink wat gescholden toen, maar omgekeerd en gelukkig had de man van het kraampje/ winkeltje hem gevonden. Dus weer verder onderweg.
Anderhalf uur later nog een stop, we zijn gewoon in één keer goed gereden, dus dat was een meevaller. We waren nog geen 10 minuten onderweg na deze stop of het begon te spetteren. Na kort overleg besloten we door te rijden, 300 meter verder swtonden we echter onder een afdakje te schuilen want de wolken waren open gebroken boven ons hoofd. Na drie kwartier zijn we weer verder gereden en helemaal gemakkelijk aangekomen op de plaats van planning. Mijn tank was ondetussen leeg en nadat we waren ingecheckt in een hotel gingen we op zoek naar een tankstation.
We reden en ik zei nog, volgens mij is de tank leeg waarop mijn brommertje er direct mee ophield en ik voor een pomp tot stilstand kwam. Goed geregeld… want onderweg tanken is moeilijker omdat de tank onder het zadel zit en de rugzak op het zadel zit vastgesnoerd.
Onze brommertjes houden slechts 4 liter en we hebben daar vandaag bijna 150 km mee gereden (volgens Michiels rekenwerk). Met verschillende tussenstops en de stad uitrijden hebben we daar 6– 6,5 uur over gedaan. Het lijkt langzaam maar het voelde maar als 4 uur. Is op zich redelijk want de snelheidslimiet is 50 en zelfs dat rijden we de helft van de tijd niet.
We hebben lokaal nog wat gegeten en waren de enige blanken die we hebben gezien. We merken hier wel echt hoe aardig Vietnamesen zijn. Als er geen toeristen zijn klampen ze je niet constant aan en willen ze je niet alles verkopen. Ze vinden het schitterend als je hun ‘hello’met een hello of ‘Xin Chao’ beantwoord.
Vlak bij het hotel hebben we nog iets gedronken wat groen was en smaakte naar een soort van combinatie tussen vanille vla en een speciale vrucht. Erg lekker, maar ook erg vreemd.
Engels spreken is ook niet meer gebruikelijk, ik heb vanavond een handdoek moeten mimen. Niet moeilijk zou je denken, maar zelf het ‘point it’ fotoboekje was niet voldoende (was echt een plaatje van een handdoek, klein, maar wel een handddoek). Ik heb Michiel maar gevraagd om wc papier te halen
.
We gaan vanavond vroeg naar bed om zo de buien van morgenmiddag voor te zijn. Ik heb er echt zin in, we zijn eindelijk de stad uit en weg van de toeristen, real Vietnam… here we are. Broem broem, vol gas vooruit.
















