Ourwalkabout.nl is a blog about the world trip Michiel de Wit and Judica Wondergem are making in 2010.


19° 53' N, 102° 8' E
20 May 2010, 15:41

Laat maar vallen

16. Dr. Fish

Van­mor­gen was een matineuze ocht­end. Om de olifan­ten op te halen zouden we om half zeven vertrekken. Aangezien de enige actie was wat kleren aan­doen stond de wekker om kwart over zes. Om zes uur werd er opeens op onze deur gek­loptd oor de gids en schrokken we wakker. Nor­maal ben ik echt een ocht­end­mens maar onverwachts eerder wakker wor­den doet ook niet veel goed voor mijn humeur.

Een half uur later vertrokken we met een bootje om de lange wan­del­ing te ver­mi­j­den. We liepen daarna de berg op en waren ver­baasd. Was dit waar we gis­teren met die enorme olifan­ten doorheen waren gelopen? Een stukje hoger was het antwo­ord. Van de bam­boe bosjes die mijn Olifant (Ghum­day) had­den ver­bor­gen was niet veel meer over. Daar­ente­gen had ze wel hier en daar mooie com­pacte ver­teerde bam­boe op de grond gelegd. De olifan­ten zit­ten ‘s nachts aan een meter­slange ket­ting (anders lopen ze naar de dor­pen of raken zoek) om hun poot vast aan een boom. De mahoet maakte de ket­ting los en de olifant trok de ket­ting naar een plek zodat de mahoet dit voorzichtig op haar nek kon leggen. Geweldig die samenwerking.

Hup klom ik op de nek en we leiepn naar bene­den waar­bij de olifant op com­m­mando storende takken voor mijn hoofd weghaalde. Na nog kort te hebben gebad­derd was het dan tijd om afscheid te nemen van de olifan­ten. Met een slur­fknuffel was het een niet zo emo­tion­eel afscheid.

Na een ste­vig ont­bijt klom­men we in de kayak want van­daag was er een druk pro­gramma. De kayak tocht was leuk maar we merken dat we dat ook een beetje zat wor­den. Dit was wel de eerste keer dat we echt met stroomver­snellin­gen te maken had­den en daar zijn we samen ongeschon­den uitgekomen.

Bij terugkomst in Luang Pra­bang ging de tocht verder. Met een mini busje wer­den we naar dee KuongSi water­val gere­den. Een tochtje van een half uur waar­bij we beide de ogen amper open kon­den houden. Bij de water­val een klein stukje lopen en daar was het dan. Cen­ter Parcs in het echt. Diep blauw water met ver­schil­lende plateaus waar het vanaf liep. We zijn omhoog gelopen en waag­den onze eerste stap­pen in het water. Het blauw van het water gaf ook de tem­perea­tuur weer. Ijskoud.

Het water bleef aantrekke­lijk en we zijn er ver­schil­lende keren inge­spron­gen. Bij een lager gele­gen water­val was er een hoge water­val waar je vanaf kon sprin­gen, doo­d­eng maar ook wel weer erg gaaf. Het touw waarmee je het water in kon sprin­gen heb ik ook ent­hou­si­ast gebruikt. Een paradijs op aarde, ik hoop dat de foto’s een beetj een beeld geven.

Ik weet niet of je ooit geho­ord hebt van ‘dr Fish’. Dit is een spa behan­del­ing waar­bij spe­ciale vis­sen de dode huid­cellen van je lichaam eten zodat je een heer­lijk zacht huidje kri­jgt. In dit water zaten deze vis­jes ook en ik heb geprobeerd ze op de foto te zetten. Uit­er­aard waren het er te weinig voor een ‘behan­del­ing’ maar het was echt gaaf.

Van­daag zijn Michiel en ik 3 jaar samen. De din­gen die we van­daag hebben gedaan en gezien zorgden ervoor dat het een hele bij­zon­dere dag was. Vanavond zijn we uit eten geweest en ik vrees dat we er voor tien uur inliggen maar wat een dag.

Mor­ge­navond stap­pen we op de bus naar Chi­ang Mai (noord Thai­land). De bus­reis duurt bijna 24 uur (met een boot­tochtje over de grens, grensperike­len en pauzes inbe­grepen) dus we zullen daarna wel moe zijn. Omdat de pas ‘s avonds vertrekken denk ik dat de kans groot is dat we nog een keer naar die paradi­jselijke water­val gaan.


19° 53' N, 102° 8' E
16 May 2010, 15:48

VIPs

4. Zomaar een kiekje

De ocht­end die ons vertrek vanuit feestdorp Vang Vieng aankondigde was een bewolkte, eerder dan een zon­nige. Het was alsof het dorp rouwde om ons vertrek. Dat is natu­urlijk een hoog­moedige gedachte, maar het hielp zeker het vertrek draaglijker te maken. Ons laat­ste VV-ontbijt was uit­ge­brei­der dan de ocht­en­den tevoren: Judica waagde zich aan een Amerikaans ont­bijt (baguette, omelet, patat, maar zon­der bacon) en ik genoot een ‘con­ti­nen­taal ont­bijt’ (een baguette met jam). Een fruithapje en dito shake erbij maakte het geheel tot een machtige maaltijd.

De bus die ons naar Luang Pra­bang moest bren­gen liet een beetje op zich wachten. Alle bussen die vanuit Vang Vieng te kri­j­gen waren wer­den als VIP bussen verkocht, dus we verwachten heel wat. De ram­melige oude bus (zon­der a/c) die we kre­gen stelde dan ook iets teleur, maar vold­eed verder prima. De waarschuwing die ons de Lonely Planet mee­gaf over de reis zelf bleek echter geen over­dri­jv­ing. Het advies luidde: mensen met wagen­ziekte dienen beslist voor­zorgs­maa­trege­len te nemen. De weg voerde in zijn volle 240 kilo­me­ter uit­slui­tend over kro­nke­lige berg­we­gen. Nu, in Luang Pra­bang aangekomen, kun­nen we geen haar­speld­bocht meer zien! De rit duurde 8 uur en bood weinig kansen voor een dutje door het onafge­bro­ken deinen van het VIP-vehikel.

Overi­gens was de rit zelf prachtig, juist ook door alle berg­pas­sages. De weg voerde ons langs won­der­schone uitzichten, aan­vanke­lijk op karst­ber­gen, later ook op wat min­der gril­lige bergen. Karst­ber­gen zijn een won­der op zich: som­mige steken gewoon­weg recht uit de grond de lucht in, anderen hebben scherpe ran­den en gril­lige wan­den. De bergen wer­den hoger naar­mate we Luang Pra­bang nader­den. Soms leek het land­schap op een groen laken waaron­der lucht was geblazen, zodat overal hobbels en gril­lige bul­ten waren verschenen.

Rond vijf uur van­mid­dag kwa­men we hier uitein­delijk aan. Onder­weg maak­ten we nog twee stops om wat te eten, maar veel trek had­den we door al het gehot­se­knots natu­urlijk niet. Eten stond bij aankomst dan ook nog niet hoog op de agenda, wel een lekker sta­biel, onbe­weeglijk bed. Dat von­den we uitein­delijk na wat zoeken in een klein, maar gezel­lig en allervrien­delijkst guest­house. Voor 6 euro verbli­jven we nu ongekoeld in een licht claus­tro­fo­bis­che kamer – maar met douchegordijn!

Overi­gens is de stad zelf prachtig. In het laat­ste uurtje daglicht dat de voor­ma­lig konin­klijke ned­erzetting over­goot had­den we dat al snel door. De stad ligt op het schierei­land dat wordt gevormd door een riv­ier die in de machtige Mekong vloeit. De sfeer is warm, mede door de vele in Franse stijl gebouwde huis­jes, de knusse straten en de overvloed aan Mekong-terrasjes. In de half­schemer­ing hebben we, aan de waterkant van de Mekong, nog roman­tisch gedi­neerd. Schilder­achtig mooi. Enfin, we red­den ons hier dus wel even. Miss­chien niet als VIPs, maar zeker wel als gewone back­pack­ende stervelingen.