Terwijl ik dit schrijf zit ik in ons mini houten kamertje in het natuurpark vlakbij Ninh Binh. Voor het eerst hebben we klamboes en de muggen vallen aan (haha, maak kennis met DEET). Om mij heen hoor ik de krekels fluiten en heb het gevoel dat we echt in de rimboe zitten. We zijn pas aangekomen na zonsondergang dus ik heb niet echt een idee van hoe het er hier uitziet. Morgenochtend laat ik me verrassen.
Met onze Israelische vrienden en het gemixte Britse/Vietnamese stel zijn we al sinds vanmorgen vroeg op pad. We hebben met zijn 6-en een auto met chauffeur gehuurd (naja, de chauffeur hoort er gratis bij en no way dat wij hier gaan rijden). We zijn begonnen met nog een prachtige boottocht langs rijstvelden en door grotten. Daarna zouden we naar warm water bronnen gaan (de eerste kans om mijn bikini te gebruiken) maar uiteindelijk hadden we het gevoel dat we werden afgezet. De prijs voor de boot naar de bronnen was 50 000 pp (2,5 euro) en de toegang tot de bronnen nog een keer 100000 pp. Het paste simpelweg niet in ons budget. We zijn met de boot weggegaan en hebben heerlijk gewandeld en zijn naar een grot geweest. Het was geweldig om lekker te lopen met zijn allen tussen de rijstvelden.
Onderweg kwamen we wat locals tegen die mijn arm beetpakten en verbaasd waren over hoe wit ik was. Mijn kuiten werden gevoeld terwijl gevraagd werd wat ik at dat ik zo wit was en zo goed doorvoed. Het is zo raar maar mensen kijken me aan en vinden me prachtig omdat ik er uitzie zoals zij niet kunnen terwijl wij in het westen graag slank en bruin zijn
.
Na de trip zijn de doorgereden naar het natuurpark en onderweg gestopt voor weer een heerlijke maaltijd. Dat goed doorvoedde van me zal nog wel even blijven.
Doordat we nog ‘bij’ moesten schrijven van de afgelopen dagen zijn we helemaal niet toegekomen aan gewone beschouwingen, hoe is het hier. Hoe zijn de mensen? Hoe is het landschap? En vooral heel Nederlands, wat voor weer is het?
Vietnam is een prachtig land en de bevolking is erg vriendelijk. We merken alleen dat op de plekken waar buitenlandse toeristen komen, zoals vandaag, dat mensen daar erg op geld belust zijn. Ze proberen je niet perse op te lichten maar doen hun best om iets te verdienen. Zo was onze roeister vandaag druk bezig om ons ook haar (erg mooi) geborduurde werkjes te verkopen. Waar we gisteren waren met de boottocht was dit niet het geval. Eigenlijk leidt dit tot de conclusie dat wij als blanke toeristen de vriendelijkheid en gastvrijheid verpesten doordat ze weten dat ze er iets aan kunnen verdienen. Wij werden vandaag ronduit om een fooi gevraagd en we gaven evenveel als gisteren, maar ze keek bijna teleurgesteld en vond het duidelijk te weinig. Toch zijn de mensen hartelijk, de lokale bevolking legt graag contact, vind onze huid prachtig en wil er graag aanzitten en houdt toch een prettige afstand. Als ze kunnen zullen ze je helpen maar soms zeggen ze ook gewoon ‘yes’ als ze je niet begrijpen (ze willen geen gezichtsverlies lijden).
Het eten in Vietnam is geweldig, helemaal niet scherp, super vers (die kip op je bord liep vanmorgen nog rond) en we hebben dan op een paar kleine incidenten na nog geen noemenswaardige buikklachten gehad. Het landschap is in een woord magnifiek en heel onherkenbaar, in ieder geval voor mij. De rijstvelden die onder water staan zijn een schril contrast met de bergen die uit het niets omhoog schieten.
Het weer is tot nu to goed, vochtig, maar niet heel erg warm. Heerlijk voor een topje zonder dat je verbrand of constant loopt te puffen. Eigenlijk ideaal als je nog iets wilt doen. Ze zeggen dat het in het zuiden warmer wordt en in Saigon gewoon heet is. We zullen zien.
We vermaken ons beide ontzettend goed, het gezelschap, de tochten, het landschap en de bevolking zijn verwonderlijk, vermakelijk en eindeloos.



















