Ourwalkabout.nl is a blog about the world trip Michiel de Wit and Judica Wondergem are making in 2010.


10° 46' N, 106° 42' E
16 April 2010, 12:30

Ons kent ons of hoe een koe een haas vangt

Onze slaap­kamer heeft, zoals voor de schamele prijs van 10 dol­lar per nacht miss­chien ook verwacht mag wor­den, geen ramen. Toen wij vanocht­end wakker wer­den ver­keer­den we dan ook in een wereld van totale rust en koelte (want a/c). Omdat we met de scooter naar Hué willen rij­den, had­den we ons voorgenomen van­daag op zoek te gaan naar twee rijwie­len. Dat klinkt, zeker vanaf de oase die onze hotelka­mer is, als een overzichtelijke taak. Een­maal de deur uit wer­den we echter onaan­ge­naam getrof­fen door een vracht­wa­gen­lad­ing vol warme lucht, her­rie en prikkels. Paniek sloeg in. Help!

Onze instinct­matige reac­tie was om iets vertrouwds op te zoeken. Het hotel zit in een klein steegje, aan het eind waar­van een wat bredere weg zit. Op die weg von­den we een koffiehuis, Europese stijl. Voor hogere pri­jzen dan nor­maal kre­gen we een klein heilig­dom van koelte, rust, zachte muziek, warme koffie en wat brood aange­bo­den. Een­maal bijgekomen van de eerste schrik besloten we onze com­mu­ni­catieve vaardighe­den in de strijd te gooien (al kan onze impuls even gemakke­lijk als een daad van wan­hoop wor­den uit­gelegd): we vroe­gen de serveer­ster waar we scoot­ers zouden kun­nen kopen.

Uit­er­aard vin­gen we bot. De serveer­ster sprak best goed Engels, maar ze wist nu een­maal meer van koffie en dol­lars dan van motor­vo­er­tu­igen. Gelukkig zijn er op dit soort momenten altijd Amerika­nen die meeluis­teren, Nicholas in dit geval. Hij stootte ons beleefd aan en verk­lapte ons zijn grote geheim: een Canadese vriend van hem verkocht tweewiel­ers. Aha! We kre­gen een tele­foon­num­mer van Jason en spraken hem in een geïm­pro­viseerde tele­foon­cel in een Inter­net­café. Jason klonkt aardig, betrouw­baar en had een winkeltje schuin tegen­over de tele­foon­cel, ook nog eens vlak­bij ons bed.

Jason werkt als docent op een uni­ver­siteit en kon ons pas om half 5 ‘s mid­dags ont­moeten, maar verzek­erde ons dat hij voor een prijs die ons goed in de oren klonk wel twee Honda scoot­ers kon rege­len. Mooi! We dronken nog wat koffie met zijn com­pagnion, Chuong, die we min of meer per ongeluk trof­fen. Hij trak­teerde ons op ijskoffie, warmte, sterke ver­halen en goede informatie.

Enfin, om kort te gaan: we hebben twee tweede­hands scoot­ers besteld die op dit moment in een bevriende garage volledig uit elkaar gehaald wor­den, gere­viseerd en voorzien van een mooie nieuwe mat-zwarte lak­laag (met een rode ster erop, want de trots van Viet­nam). Chuong hielp ons voor een appel en een ei aan een Viet­namees tele­foon­num­mer voor onze GSM en adviseerde ons waar een paar goed­kope en deugdelijke hel­men kon­den kopen. Afgezien van veel bloed, zweet en tra­nen kost dit avon­tuur ons 900 dol­lar voor de tweewiel­ers (ca. 660 euro) en 12 euro voor twee mooie helmen.

Chuong (en Jason die we later trof­fen overi­gens ook) is een uiterst vrien­delijke man en beloofde ons dat we de best denkbare scooter voor ons geld zouden kri­j­gen (zelfs plus of min een paar kor­rels zout is dat een fijne gedachte) en zorgt dat we, gewoon voor het geval dat, een paar essen­tiële reserveon­derde­len en gereed­schap meekri­j­gen. Erg pret­tig. Boven­dien verzek­erde hij ons dat we hem altijd mochten bellen en hij ons naaeer en geweten zou proberen te helpen. Hij en zijn zak­en­part­ner Jason hebben het motorbedrijf net samen opges­tart en proberen hun (nu al) goede naam duidelijk hoog te houden. Dat boezemt vertrouwen in.

Tussen de bedri­jven door zijn we nog wat rust in het park gaan zoeken. Al snel wer­den we door een Viet­namese stu­dente aange­spro­ken die graag wat Engels met ons wilde spreken, gewoon om ervar­ing op te doen. Aan­vanke­lijk waren we arg­wa­nend, maar dat gevoel maakte al snel plaats voor gêne. Ze had geen­szins kwaad in de zin. Ze vertelde ons dat veel stu­den­ten in het park met elkaar Engels oefe­nen, en als het kan ook met touris­ten. Heel slim en gezellig.

Nog vol van de mazzel die we met ons scooter­ver­haal had­den, vertelden we haar (des­gevraagd) over het belang van netwerken in het zak­en­leven. Het ver­haal van onze scoot­ers was een dankbaar voor­beeld: in je een­tje krijg je weinig gedaan, maar-ons-kent-ons, dat is het won­der­mid­del. Want dat is hoe een koe een haas vangt: met wat hulp van de rest van de kudde.