Ourwalkabout.nl is a blog about the world trip Michiel de Wit and Judica Wondergem are making in 2010.


21° 3' N, 105° 50' E
24 March 2010, 1:27

Lovely Nanning, welcome to Vietnam

8. De oude kern van Hanoi bestaat uit dit soort rumoerige, levendige straatjes

Gis­teren was een rare dag, nadat we de tick­ets voor de trein had­den gekocht had­den we verder niets te doen dan een beetje rond te lopen. Ik moet beken­nen, Nan­ning heeft mijn hart voor China sneller doen klop­pen. Zoals geschreven voelde het een beetje als Italie, de sfeer, de mensen en de tem­per­atuur. We hebben heer­lijk rondgekuierd langs alle winkeltjes.

Na een lange straat kwa­men we bij een park aan, het is grap­pig, ze zijn geen Euro­pea­nen gewend want we wer­den nog best veel aangekeken. Het park zwer­mde met de mensen en je zou niet zeggen dat het een door-deweekse dag was. Er werd gekaart, Chi­nees schaak gespeeld, sigaret­ten gedraaid, veel gespu­ugt maar met name genoten. Bij een soort van winkel­cen­trum hebben we heer­lijk gegeten, voor 2,40 alle­bei een maaltijd met rijst. Er werd spe­ci­aal iemand gehaald die Engels sprak en ze wilden het ons zo graag naar de zin maken. De mensen zijn gewoon vrien­delijk en behulpzaam. Hele­maal toen Michiel zijn Cola omgooide kwam de man­ager zelfs helpen om de tafel snel weer schoon te maken en uit­er­aard een nieuwe cola. Ser­vice met een glimlach.

We zijn verder gelopen nog meer in mijn ogen ‘echt’ Chi­nese straat­jes met alle­maal winkelt­jes, eten, elec­tron­ica. Fran­cis en Aman, kled­ing in jul­lie maat en zo ontzettend veel keuze. Het was echt geweldig en we hebben dan ook met volle teu­gen genoten. Op een gegeven moment waren we in die kleine straat­jes hele­maal de weg kwijt. Weer hele­maal terug gelopen en even in het park gaan zit­ten.
Daar werd muziek gedraaid en waren alle­maal mensen aan het sti­jl­dansen. Het was leuk om te zien hoe ze dansen en ik heb Michiel kun­nen over­tu­igen om ook een dan­sje te wagen (chachacha op bergschoe­nen, geen aan­rader). Ik vond het hele­maal super maar als euro­pea­nen blijf je niet onopge­merkt en na het num­mer stond er een hele kring om ons heen die applaud­is­eer­den. Toen we weer gin­gen zit­ten kreeg Michiel heel veel com­pli­men­t­jes, grap­pig is dat hij ook de com­pli­men­t­jes voor mij kri­jgt. Hij heeft het goed gedaan met mij bleken ze te zeggen. Erg grap­pig alleen was Michiel wat gegeneerd.

Weer terug naar het hotel, spullen pakken en het sta­tion amar eens verken­nen, het ging alle­maal soe­pel, alleen was Michiel zijn jas nog even kwijt (en weer gevon­den) en ruim op tijd zaten we in de trein. Vier­per­soon­scoupé met zijn tweeen, de trein was erg leeg.

Van­nacht moesten we notabene twee keer de trein uit, eerst bagage­con­troloe en paspoort­con­t­role in China, daarna (na een half uurtje dut­ten) eruit voor een con­t­role in Viet­nam bij Dang Dong. Alle bagage moest elke keer mee. Het sta­tion was echt prachtig, maar geen puf om foto’s te maken. De rest weinig geslapen.

Om 5 uur lokale tijd kwa­men we aan, zon­der geld en dus erg vroeg. We zijn maar gaan lopen en zijn erachter gekomen dat er ook in de buiten­wijken veel pin machines staan. Alleen doen ze het echt niet alle­maal. Pas de 7e pin automaat werkte en toen kon­den we een taxi pakken. We zit­ten nu in het hotel te wachten tot we in kun­nen checken, maar er is al een heer­lijk ont­bi­jtje geserveerd en we komen weer hele­maal tot rust.


39° 54' N, 116° 19' E
22 March 2010, 12:07

Het grootste treinstation van Azië

Klein trauma gis­ter­avond. Groot gebouw. Heel groot gebouw. Gis­ter­avond om 18:46u vertrok onze trein vanaf Bei­jing West naar Nan­ning (zuid China). We had­den geen idee dat Bei­jing West groter zou zijn dan het cen­trale sta­tion. Sterker nog, we had­den niet gedacht op het groot­ste tre­in­sta­tion van heel Azië terecht te komen. Het was een indruk­wekkende ervar­ing. Gewapend met slechts een vertrek­tijd en trein­num­mer (T189) kwa­men we in de inmense vertrekhal terecht. Het voelde meer als een vliegveld dan als een tre­in­sta­tion, om eerlijk te zijn.

Enfin, we trof­fen een groot scherm. Vier kolom­men met trein­num­mers en tij­den gaven de gang van zaken voor de komende uren weer. Ofschoon we ruim op tijd waren, stond onze trein al in de eerste kolom aangegeven. Afgezien van ‘T189’ en ‘18:46’ herk­enden we tussen alle Chi­nese sym­bolen verder niets dan een ‘9’. Geen idee waar dat op sloeg. Per­ron, dachten we? Maar op het sta­tion was ner­gens een ver­meld­ing van per­rons te zien, alleen ‘wait­ing rooms’. Op naar wachtkamer 9 dan maar.

Wachtkamer 9 deed niet onder voor een gemid­delde vertrekhal op Schiphol. 8 rijen met stoelt­jes en ladin­gen mensen, alle­maal bepakt alsof ze lang op reis wilden gaan. Verder langs de muren stal­let­jes met eet­waren en wat te drinken. Behalve een heren– en damestoi­let trof­fen we tot onze vber­baz­ing ook nog een ‘boiler room’ waar mensen hun noo­dles kon­den berei­den. We sloten plichts­getrouw maar aan in wat een rij leek voor trein T189. Want god­dank, ons trein­num­mer stond op een van de vier infor­matiebor­den in de hal vermeld.

Na een half uurtje wachten wer­den we ver­rast door man­net­jes in het rood. In de hoop wat wijzer te wor­den, toon­den we hen onze treinkaart­jes. Meteen ent­hou­si­ast gebaar­den ze ons mee te lopen. Mijn tas werd, na een paar gromgelu­iden van ver­baz­ing over het gewicht, op de schouder van een van de man­net­jes geholpen. Bij de ingang van de hal wer­den de tassen op een wagen­tje gelegd en naar een balie ger­acet. Wij holden ges­pan­nen achter onze bagage aan: wat gaan ze doen? Bij de balie kre­gen we twee ‘tokens’, zoals je die ook bij een garder­obe zou kri­j­gen, in ruil voor 10 yuan. Geen idee wat het plan verder was, liepen we — angstig dat onze tassen met kled­ing en eten in een bagagewagon zouden verd­wi­j­nen -  achter het man­netje aan.

Wat toen gebeurde was echt ver­baz­ing­wekkend: we schoten ergens een deur door en belanden daarmee op een lange gal­lerij boven de sporen. Veel sporen. Het rode man­netje vond moeit­eloos de weg naar het per­ron met onze trein en stopte het wagen­tje bove­naan de lange trap. We moesten de tokens weer teruggeven. Ik zocht nog naar een lift of een teken dat we onze tassen weer op onze ruggen moesten hijsen, toen het man­netje (amper 70 kilo zwaar) het gewichtige wagen­tje langs een te smal hellinkje de trap af liet gli­j­den. Hij moest al zijn gewicht in de strijd gooien en daar­bij ongeveer 45 graden achterover leunen om het kar­retje in bed­wang te houden. Het leek onmogelijk.

Heel­huids bene­den aangekomen raceten we verder naar onze wagon, alwaar we – na alle com­motie ein­delijk gerust – de trein instapten. Onze 4-persoonscoupé bleek nog leeg. Pas een paar uur later (we lagen toen al onder de wol) kwa­men er nog twee Chinezen bij. De oud­ste van de twee (Niu) sprak een paar woord­jes Engels en heeft ons het groot­ste deel van de dag bezigge­houden. Hij liet me Chi­nese wijn proeven (niks wijn, gewoon sterke drank!) en probeerde ons een paar sim­pele din­gen uit te leggen, waaron­der het feit dat onze trein ken­nelijk twee uur ver­trag­ing heeft opgelopen, ergens van­nacht. De aankom­st­tijd van de trein is vol­gens het spoor­boekje half 12 ‘s avonds, maar dat wordt nu dus ergens mid­den in de nacht. Dat wordt een korte nacht…


43° 39' N, 111° 59' E
15 March 2010, 1:55

Veronderstellen

4. Zie, onderstel en wagon zijn van elkaar gescheiden

Om een uur of 10 gis­ter­avond – de gren­scon­troles waren afgerond en we waren offi­cieel in Elian, China – reden we voor­bij een grote, rode loods. De loods was zo lang dat het leek alsof er wel een hele trein in zou passen. Omdat ik wist dat de onder­stellen van onze trein bij de grens zouden wor­den ver­wis­seld, opdat de trein op het small­ere Chi­nese spoor verder zou kun­nen rij­den, was ik alert op alles dat leek op een onder­stelver­wis­sel­cen­trale. Aan­vanke­lijk leken we de loods voor­bij te rij­den, maar al snel na het passeren min­derde de trein vaart en werd een gangetje in omge­keerde richt­ing ingezet. De trein reed de loods binnen.

Een hoop schud­den en bonken vol­gde. De trein werd uit elkaar gehaald. Elke wagon werd los van de anderen tussen 4 roodor­anje hefin­stal­laties gemanou­vreerd. De loods was kor­ter dan ik dacht en de trein paste er enkel in door hem in twee delen naast elkaar te zetten. Stuk voor stuk zag ik de wag­ons de lucht in getild wor­den. Een paar rake klap­pen maak­ten de onder­stellen los van de trein en op inge­nieuze wijze wer­den in een soe­pele beweg­ing, door een sim­pel kabelmechaniek aange­dreven, alle brede onder­stellen wegge­duwd en namen small­ere onder­stellen hun plaats in.

Twee uur later waren alle wag­ons weer geland en voorzien van nieuwe onder­stellen. Een hoop gebonk en geschud vol­gde om de trein weer opnieuw samen te stellen. Inmid­dels was het al mid­der­nacht geweest en hield ik mijn ogen niet langer meer open. Vanocht­end werd ik wakker met een vertrouwde, maar ken­nelijk toch niet iden­tieke, kadans. Veel werk voor weinig effect. Het enige dat echt zicht­baar veran­derde, is de restau­ratiewa­gen: die is nu weer sober en effi­ciënt. De romantiek van de Mon­goolse wagen is verd­we­nen en heeft plaats­ge­maakt voor ‘free meal’ coupons en Chi­nese effectiviteit.


46° 22' N, 108° 22' E
14 March 2010, 12:38

Laatste etappe

12. Sneeuw verdwijnt, bruin zand verschijnt

Van­daag is onze laat­ste etappe van de trans­mon­golië express begonnen. Om half zeven vanocht­end stapten we op en om kwart over zeven zette de trein zich in beweg­ing. Van de afgelopen dagen had­den we nog wat slaap in te halen, dus zodra we ons had­den geïn­stalleerd in onze wederom com­fort­a­bele eersteklas coupé, hebben we alle­bei ons bed een paar uurt­jes beslapen.

Rond een uur of 11 wer­den we wakker. We veeg­den de slaap uit onze ogen en glu­ur­den voorzichtig door het raam. Niets! Hele­maal niets te zien, behalve een dikke witte waas. De tem­per­atuur is duidelijk wat omhoog gegaan en het mist. Na het mid­daguur trekt de mist voorzichtig op en zien we dat we weinig hebben gemist. Het land­schap is nog pre­cies zoals we het ons herin­ner­den: wit, vlak, zo nu en dan een boom en glooiende bergen op de achtergrond.

Later op de mid­dag begint het uitzicht te veran­deren. Eerst langzaam, maar later steeds opval­len­der. De trein rijdt een zuidoost­elijke koers en de tem­per­atuur lijkt daar­door toe te nemen. Rond drie uur ‘s mid­dags zijn de sneeuwvlak­tes gro­ten­deels veran­derd in zand­vlak­tes met dor gras. Woestijn. Het aan­tal bomen neemt ges­taag af, ten faveure van het aan­tal kud­des en loslopende paar­den. Steeds vaker duikt er ook een ger of herder op in het land­schap, als een kor­reltje hagel­slag op een wit tafelkleed.

Het leven op de trein is rustig. We doen nog een mid­dag­dutje, klet­sen met wat mensen op de trein, drinken wodka met een stel uit Bel­gië. Ze vertellen ons dat ze voor een jaar op reis zijn. Hoofdbestem­ming: Nieuw Zee­land. Ze denken erover om zich daar voor enige tijd, miss­chien wel twee jaar te ves­ti­gen. We hebben deze reis al vaker mensen geho­ord die al reizende besloten hebben zich elders te gaan ves­ti­gen. Voor­lopig ligt ons thuis nog aan de Noordzee, al begint het zich wel steeds meer richt­ing rugzak te ver­plaat­sen. We raken gewend aan het reizen en kri­j­gen het ritme langzaam maar zeker te pakken.

Tot 1 uur van­nacht zijn we nu bezig aan de grens. Eerst aan de Mon­goolse kant. We wachten nu op de paspoort­con­t­role. Dan vanaf 9 uur aan de Chi­nese kant. Daar wachten ons nieuwe wie­len (want China hanteert een andere spoor­breedte) en vast heel wat stem­pels en for­muliert­jes. Dat wordt dus een lat­ertje van­nacht. Nadeel is dat we in onze coupé moeten bli­jven en de toi­let­ten tij­dens de stops op de beide gren­sposten ferm op slot bli­jven. Opon­thoud dus…


48° 5' N, 106° 58' E
10 March 2010, 4:13

Mongolen!

17. Al die treden

Nou, dat was me een bevalling! Na de nodige weerom­s­tuit zit­ten we dan nu ein­delijk in een café genaamd ‘Brauhaus’ in Ulaan­bataar, Mon­golië. Zoals de naam van het etab­lise­ment al doet ver­moe­den, is Ulaan­bataar bepaald een inter­na­tionale stad. Het staat hier in het cen­trum vol met grote, dure gebouwen, vaak voorzien van Engelse benamin­gen. We voe­len ons daar­door veel meer thuis dan in Rus­land. Dit land begri­jpen we (een beetje).

Vanocht­end kwa­men we om half 7 aan op het sta­tion. Het was nog donker en om en nabij de 20 graden vorst. Inmid­dels zijn we dat wel gewend, dus geen paniek op dat front. Alleen, waar andere trein­reizigers door hun hos­tels wer­den opge­haald, ston­den wij er hele­maal alleen voor…

Eerst dus maar een kopje thee op het sta­tion. De restau­ratie ging gelukkig net open. Voor 600 Tugrit (ongeveer 30 cent) kre­gen we twee warme kop­pen thee. Nog 350 Tugrik en we had­den er ook een hardgekookt ei bij. Jum­mie! Even wen­nen wel dat iedereen ons hier zo aanstaart.

Toen het rond half 8 licht begon te wor­den, hebben we het op een lopen gezet. Rustig aan, want onze rugza­kken wogen flink door en de koude had ook zo zijn impact. In Irkutsk had­den we een klein kaartje getek­end waaruit moest blijken waar onze host in Mon­golië werkt. Uit­er­aard zijn we flink verd­waald. De vorst werkte boven­dien op Judica’s blaas en een spoed­stop bij een lux­ueus hotel was dan ook vereist.

Uitein­delijk von­den we een Irish Pub, ken­nelijk in het cen­trum van de stad. De reis­gid­sen op onze Min­ime hielpen ons verder. Toen een Aus­tral­iër met zijn gids ook een kopje thee kwam drinken, ont­moeten we onze red­der: de Aussie had een Mon­goolse gids bij zich die ons de weg naar de bib­lio­theek wist te wijzen. We zit­ten er nu vlak­bij (maar zijn er uit­er­aard volledig voor­bij gelopen). Op naar de bieb dus maar…


50° 14' N, 106° 12' E
9 March 2010, 14:50

De trein rijdt, de trein stopt… en wij wachten

Van­daag de enige ‘hele’ dag in de trein, de tweede klas. Het was op zich hart­stikke gezel­lig met onze Ned­er­landse coupé genoten maar wat een gedoe! Van­mor­gen wer­den we al vroeg wakker, het zou een dag zijn waar­bij we de grens over gin­gen. Zoals bij de andere trein ook was wordt de wc hier op slot gedan bij de stops. De trein waar we in zit­ten is een langzame trein, en hij stopt ongeveer elk kwartier voor een min­uut. Over het alge­meen een stuk min­der relaxed dus.

De grensover­gang met Mon­golie is niet zoals we gewend zijn in Europa, ik kan me al bijna niet meer herin­neren hoe het was toen je bij elke grens gecon­troleerd moest wor­den. Het begon rond een uurtje of 1. De trein stond stil bij een klein sta­tion­netje en de petro­vnika (trein­beambte) kwam langs om proberen uit te leggen dat we op het per­ron naar de wc kon­den en dat de trein 2,5 uur zou bli­jven wachten, daarna paspoort­con­t­role en dat er een klein mark­tje was.

Blij gin­gen we met zijn vieren de trein uit en op naar de wc.  Het waren van die Franse sta wc’s, maar beter dan niets en we moesten ook betalen, maar goed, de wc bewoog dan niet en dat heeft ook zijn voorde­len. Mar­jorie en ik gin­gen weer bij de trein staan (ze wachten hier echt niet) en Tij­men en Michiel gin­gen even naar het mark­tje. Er was een man bij de trein die druk stond te zwaaien en gebaren dat we naar bin­nen moesten dus wij hele­maal in de stress want we kon­den de jon­gens niet zien. Ik heb op mijn aller­hardst geroepen en die man bleef gebaren… Tafer­e­len zon­der Michiel in de trein speelden zich al op mijn netvlies af. Toen ik weer hard riep kwam de petro­vnika die me aan­keek alsof if gek was en zei dat de trein echt nog niet weg­ging. Michiel en Tij­men kwa­men net aan­gerend en ik schaamde me natu­urlijk kapot. We hebben op het mark­tje nog wat lekkers gekocht en omdat het zou koud was zijn we snel weer in de coupé gaan zit­ten. Na 10 minuten begon de trein te rij­den. Blijk­baar moet er heel veel gerangeerd wor­den, we zijn denk ik wel 20 keer op en neer gere­den op dat sta­tion. In de tussen­tijd zijn we denk ik ook wel 4 keer naar de wc geweest buiten. Je kent het wel, als je niet kunt… dan moet je constant.

Tegen 5 uur kwa­men de Rus­siche dien­ders om alle paspoorten in te nemen en alles te con­trol­eren. Je moet dan echt de coupé uit zodat ze kun­nen checken of je niet iemand mee smokkelt. Uitein­delijk zijn we om 19:00 verder gere­den. Het uitzicht was wel grandioos, een soort enorme wijde vlakte tussen bergen. Hier en daar liepen paar­den en koeien op de vlakte. De mensen zien er ook direct heel anders uit dan de Rus­sis­che bevolk­ing, een stuk vrien­delijker en meer open gezicht. Na 20 minuten gere­den te hebben werd ons verteld dat de wc 10 minuten openg­ing en daarna weer op slot tot we voor­bij het vol­gende sta­tion waren. Alle­maal in de rij dus, want wie weet hoe lang de vol­gende stop duurt.

Het vol­gende sta­tion was dan de Mon­goolse grens waar we weer hebben gerangeerd en nog­maals de hele trein (met hond) werd nagekeken. Alle paspoorten weer innemen etc. De eerste ont­moet­ing met de Mon­goolse mensen was op zich wel goed, ze spraken Engels, waren beleefd en zagen er ook wat char­man­ter uit. Hier en daar werd er zelfs een grapje gemaakt over de uit­spraak van onze namen. Om kwart over 9 zijn we daar weer vertrokken, in die tussen­tijd dus geen wc. Ter­wijl we wegre­den hoor­den we van buiten de trein geschreeuw met daarna een hart­grondig ‘get the f*ck out of my way’ wat kwam van iemand die har drende en probeerde de trein in te halen… Ik vrees dat er iemand is die de trein gemist heeft en wiens spullen nu wel naar Ulaan Baatar gaan… maar hijzelf niet.

Het is gezel­lig in de coupé, we lezen veel en kaarten met onze med­ereizigers, maar toch merken we dat het voor ons een beetje te krap is, we zijn nu wat ruimer gewend. Het is nu iets over 10 uur en alles is weer ingepakt. Morgenocht­end om half 7 komen we aan in de hoofd­stad van Ulaan Baatar. Hopelijk kun­nen we in de bib­lio­theek gebruik maken van het inter­net en zo de berichten posten. Als het alle­maal gaat zoals bedoeld slapen we dan ‘s avonds in een tra­di­tionele Ger. Weer zo vroeg opstaan… bweh.. ik ga nu nog even geni­eten van een lekker kopje thee, mor­gen krijg ik miss­chien wel Yak melk of eits dergelijks te drinken. Mon­go­lia, here we come.


50° 23' N, 106° 6' E
9 March 2010, 6:00

Tussen mal en dwaas

10. Kedeng, kedeng

Het land­schap is er beslist mooier op gewor­den. Sinds gis­ter­avond zit­ten we weer op de trein, dit keer van Irkutsk (Rus­land) naar Ulaan-Bataar (Mon­golië). Een gekke reis. Net hebben we een nogal uit­ge­breid douane­for­mulier inge­vuld. Mon­golen zijn ken­nelijk nogal gesteld op uitvo­erige doc­u­men­tatie. We moesten pre­cies opgeven welke val­uta we bij ons had­den, of we radioac­tieve spullen bij ons droe­gen en welke radioap­pa­ratuur er alle­maal in onze tassen zaten. Een heel werk. Gelukkig waren de for­mulieren, in tegen­stelling tot de Rus­sis­che, wel alle­maal in het Engels.

Het afscheid van Jane en haar fam­i­lie in Irkutsk gis­teren was moeil­ijker dan gedacht. In een korte tijd (die overi­gens een eeuwigheid leek te duren) waren we best op elkaar gesteld ger­aakt. We voelden ons erg welkom. De hartelijkheid en gastvri­jheid waren over­weldigend. Jane heeft ons gis­ter­avond naar het sta­tion begeleid. Omdat we ruim op tijd waren, hebben we haar nog het ‘Ghot express’ café kun­nen laten zien waar we onze eerste, vroege uren in Irkutsk hebben doorge­bracht. Ze bleek er nog nooit geweest te zijn en dat gaf ons dus ein­delijk de kans om haar ook iets te laten zien.

Overi­gens bleek mijn over­moed gis­ter­avond wel: ik dacht onder­hand redelijk Rus­sisch te kun­nen spreken, zeker vol­doende goed om een paar pan­nenkoek­jes met jam te bestellen. Ent­hou­si­ast probeerde ik ‘blini sa djzamom’. Na me kort wat vaag aangekeken te hebben, kreeg ik de indruk dat ze de bestelling had begrepen. Afgerek­end en terug bij de tafel aangekomen, wachte ik blij mijn bestelling af. Na een paar minuten kwam mijn bestelling: een houten plank met gieti­jz­eren schaal gevuld met gefritu­urde deeghap­jes en rauwe uien. Zo goed was mijn Rus­sisch ken­nelijk toch niet.

Over een half uurtje paspoort­con­t­role. Ik ben benieuwd. Het pro­ces duurt 3 uur en schi­jnt nogal grondig uit­gevo­erd te wor­den. Toe­val bepaalde dat we in een coupé met een ander Ned­er­lands stel terechtk­wa­men, dus er wordt hier uitvo­erig gespro­ken over het leven op de trein en de span­ning voor alle douaneprak­tijken wordt gedeeld. Een malle boel hier…


52° 17' N, 104° 19' E
6 March 2010, 5:00

Minus vierentwintig

Het eerste deel van onze trein­reis van Moskou naar Peking zit erop. Na een onrustige ‘nacht’ van hazenslaap­jes en veel op de klok staren wer­den we om vier uur van­nacht opgeschrikt door de Chi­nese con­duc­teur die zon­der enige waarschuwing onze coupé bin­nen liep en iets mom­pelde dat waarschi­jn­lijk ‘opschi­eten, de trein komt zo’ betek­ende. We waren wat ver­baasd, want onze deur zat op slot en we had­den van onze beleefde Azi­atis­che vrien­den toch zeker wel een klopje op de deur verwacht.

Iets voor vijf uur Irkutsk tijd kwam de trein aan op het sta­tion. Alles was nog donker en ver­laten. Met dank aan een tip van onze host hier wis­ten we ons snel door de kou een warm plaat­sje in een 24-uurs restau­rant tegen­over het sta­tion te bemachti­gen. Een ther­mome­ter annex klok annex nog iets op een gebouw aan het spoor gaf de tem­per­atuur aan: –24 graden. Erg koud. We ware in de trein bij wijze van voor­berei­d­ing al in onze warme kleren gespron­gen, maar op –24 waren we miss­chien toch nog niet hele­maal voor­bereid. Wat vooral opviel was dat onze neus van bin­nen al snel begon te bevriezen!

Het pri­jspeil hier in Irkutsk is duidelijk wat vrien­delijker dan in Moskou. Voor 26 roebel (ongeveer 75 cent) kre­gen we twee warme kop­pen thee. Nog eens 200 roebel (5 euro) hielpen ons aan twee bor­den frites en twee ‘steaks’ van pit­tig (knoflook!) gehakt. Een aan­ge­name afwis­sel­ing met de geïm­pro­viseerde maalti­j­den aan boord van de trein.

Inmid­dels zit­ten we alweer bijna 4 uur in het café. Kaarten zijn we beu, puzze­len ging verve­len en door slaap over­mand begin­nen we het hier bin­nen, de 24 graden warmte ten spijt, toch een beetje koud te kri­j­gen. Het pub­liek hier in het restau­rant is heel divers. Veel types die we in Ned­er­land waarschi­jn­lijk arg­wa­nend zouden ver­mi­j­den: brede man­nen met een schemer­baard en zware bove­n­ar­men. Maar ook wat Azi­atis­chere types. Al bijna net zo lang als wij hier zit­ten, wor­den we door een blonde, niet zo heel erg Rus­sisch uitziende jon­gen vergezeld. Aan een tafeltje naast het onze dood hij de tijd met ver­woede pogin­gen zijn vrien­den nog voor het ocht­end­glo­ren aan de lijn te kri­j­gen. Nie­mand neemt op en hij lijkt zijn lot als een (zeer verveelde) man te dragen.

Hopelijk ont­moeten we bin­nen nu en 60 minuten Jane en brengt ze ons naar een com­fort­a­bel en warm huis, bij voorkeur met een warme douche en schone toi­let. San­i­tair is een stiefkindje, hier in het koude Siberië. Zodra de ocht­end­spits in het restau­rant voor­bij was, begonnen de serveer­sters ijverig het hele etab­lise­ment te schrobben en sop­pen, maar de WC is daar­bij helaas niet aan bod gekomen. Ter illus­tratie: het ding is uit­gevo­erd zon­der bril, op kinder­hoogte en bevat diverse voetafdrukken op de rand. Staan man­nen hier op de plee? Enfin, we wachten af…


55° 2' N, 82° 56' E
5 March 2010, 4:00

Midden in de nacht

Het voelt alsof ik mid­den in de nacht ben opges­taan, omdat ik niet kon slapen. Raar, want op een bepaalde manier is het ook inder­daad zo laat. Inmid­dels zijn we met de trein Novosi­birsk gepasseerd en het is nu dus 4 uur later dan in Moskou. Het hele ritme van de trein is alleen afgestemd op Mosk­ouse tijd en dus is het nu pas 5 voor tien en tegelijk­er­tijd mid­den in de nacht.

Enfin, ik kan dus niet slapen. Buiten is het erg koud. Er staan ijs­bloe­men aan de bin­nenkant van onze dubbele beglaz­ing. Een klein ther­mome­tertje dat we aan de bin­nenkant van het raam hebben gezet is nu half aan het glas vast­gevroren. Hij geeft op het moment –14  graden aan. Geen idee hoe koud het buiten is, maar onze stop in Novosi­birsk leerde wel dat het zeker geen pic­nick­weer is…

Dit stuk van de trein­reis is ook wat min­der com­fort­a­bel. Sind een uurtje wiebelt en schokt de trein veel meer. Waarschi­jn­lijk komt het door de kou. Toch is het zo nu en dan een beetje griezelig hoe de wagon zichzelf lijkt te willen los­rukken van die dwin­gende locomotief.

Ik heb van­daag voor Judica een vis gevan­gen. Of ten­min­ste, zo voelde het. Een man op het sta­tion van Bal­abinsk verkocht gerookte vis­sen en Judica wilde er heel graag een. Com­mu­ni­catie ver­liep via Roebels. 100r voor een vis. De man wilde me eigen­lijk een andere vis verkopen, een­tje die al was schoonge­maakt en gerookt, maar ik – met mijn domme kop – vond de intakte exem­plaren die min of meer voor de show aan zijn kar­retje hin­gen mooier. Dat kwam me op een tamelijk intieme sessie met de inge­wan­den van het sparteldier te staan. Omdat we door een med­ereiziger (voorheen nog nooit gezien, overi­gens) wer­den gewaarschuwd voor dit soort ver­snaperin­gen, hebben we de vis gekookt in heet water van de samovar. We hebben alle­bei nog geen buikkram­pen, dus het was vast alle­maal niet zo erg als de man zei.

Mijn thee is inmid­dels al wat afgekoeld. De duct-tape die we om het oor van onze alu­minium mokken hebben gewikkeld helpt om ze wat hanteer­baarder te maken. Zo maar in mijn een­tje een toost uit­bren­gen op de laat­ste treindag, mor­gen. Mor­ge­navond, heel laat (over ongeveer 26 uur) arriv­eren we in Irkutsk en stap­pen we uit voor twee nachten. Benieuwd hoe dat zal zijn.

Verder heb ik Canasta geleerd te spe­len. De eerste pot­jes ver­liepen wat stroef en het koste me dan ook nogal wat zelf­be­heers­ing om de kaarten niet in de rondte te smi­jten. Na wat oefen­ing gaat het al beter. Heel ontspan­nend alle­maal. De kadans, niets anders hoeven dan zit­ten en zo nu en dan een praatje maken. Toch denk ik dat een week op de trein miss­chien wat teveel van het goede zou zijn. Een paar van onze med­ereizigers doen dat. Miss­chien spreken we ze later nog eens om te zien hoe het was. Nu keer ik voor­lopig nog even terug naar het mid­den van de nacht en laat ik me door mijn kop hete kamil­lethee in slaap sussen…


55° 2' N, 82° 56' E
4 March 2010, 4:44

Treinbenen, vis en stomende afvoer

17. Buiten was het zo koud, dat er stoom uit de gootsteen kwam

De titel is miss­chien wat cryp­tisch, maar het zijn alle­maal din­gen die je meemaakt in de trein. Ik vroeg me af of er ook zoi­ets bestaat als ‘trein­be­nen’. Als je een bepalde tijd op zee hebt doorge­bracht kun je toch ook zee­mans­be­nen kri­j­gen? Als dat ook geldt voor de trein hebben wij onze trein­be­nen lang en breed gekre­gen. Op zich is het niet zo ingewikkeld of nodig, je kunt je goed vaqsthouden, het enige moment dat trein­be­nen ecth nodig zijn is bij een toi­let­be­zoek… Je schudt anders zo heen en weer :)

Ander­half uur gele­den zijn we gestopt in Bal­abinsk en waren er weer verkop­ers. We zaten mid­den in een aflev­er­ing ‘Rome’ en ik had weinig zin om naar buiten te gaan in de kou. Michiel is snel in zijn schoe­nen gespron­gen en heeft foto’s gemaakt. Bij een van de vorige stops had­den de ‘Aus­traliers’ een gerookte vis gekocht. Mij leek het ook wel wat maar uitein­delijk moesten we de trein in zon­der vis. Op dit sta­tion liepen er weer mensen rond met gerookte vis. Na wat zwaai aan­wi­jzin­gen van achter het raam heeft Michiel een vis gekocht. Hij was er zo blij mee dat hij Vic­tor de Vis wel kon zoe­nen (zie foto!). Toen we terug waren in de trein kwam er opeens vanuit het niets (nog niet eerder gezien) een enorme Rus aan die ons waarschuwde voor de vis, eten op eigen risico. Ik was in al mijn ent­hou­si­asme uit­er­aard niet te stu­iten. We lieten de beste ‘oer’mensen in onze omgev­ing (de Australiers/ Zwe­den) eraan ruiken en zij zei­den dat het geen kwaad kon. Hij was koud gerookt en nog steeds bevroren, bij tem­per­a­turen van –15 kan het ook bijna niet anders. Michiel heeft daarna als een echte ‘sur­vivor man’ de vis opengesne­den en… er zat gewoon nog kavi­aar in. Omdat we de waarschuwing niet volledig in de wind wilden slaan hebben we de stukken vis nog ‘gekookt’ met water uit de samovar. Al met al een smake­lijke maaltijd. Om hele­maal zeker te zijn dat er niets aan bac­te­rien bli­jft leven hebben we er nog wat wod­kaachter­aan gegooid. Ach, mor­gen­nacht stap­pen we weer uit.

Van­mid­dag schreef ik over de douche die niet afliep, ik denk dat de afvoer bevroren was. Net als in Ned­er­land eindin­gen de afvo­er­sys­te­men van deze trein ook gewoon op het spoor. Op dit moment is het buiten zo koud dat als je naar de wc gaat of gewoon de was­bak gebruikt en de kraan uitzet er een stoom­wolk uit de afvoer komt. Zoi­ets heb ik nog nooit gezien en het ver­baasd me dan ook. Geweldig, het lijkt wel alsof we gewoon in een andere tijd leven.