Ourwalkabout.nl is a blog about the world trip Michiel de Wit and Judica Wondergem are making in 2010.


4° 28' N, 101° 23' E
5 September 2010, 12:59

Trail 9a

22. Het bewijs; trail 9a

Van­daag het nieuw­ste avon­tuur in de serie van Jun­gle Judy en Man­grove Mike. Onze reis leidt ons naar de prachtige hoog­lan­den van Maleisïe met de meest prachtige jungle.

Na een gezond gevarieerd ont­bijt (thee met choco­lade cake op bed) had­den we nog niet veel inspi­ratie om uit bed te komen. Pas rond 11 uur kwam er wat beweg­ing in de zaak. Heer­lijk, zo een ocht­endje chillen. We wilden van­daag nog een wan­del­ing door de omgev­ing maken, maar het motto was wel alles mag niets moet.

Na een plan te hebben getrokken zijn we op pad gegaan. Op naar de Robin­son water­val. Onder­weg kwa­men we NLse ken­nis­sen tegen die gis­teren ook mee waren op de tour. Ze vertelden dat de water­val niet veel voorstelde en best vervuild met afval was. We lieten ons niet uit het veld slaan en gin­gen op pad.

Na een kleine stro­ming was er daarna een pad wat verder liep. We had­den nog energie en liepen lekker door. Er was ook een optie voor pad 8, we hebben het geprobeerd maar 1,35 km bergop waar­bij de wor­tels zor­gen voor een pad bleek echt te veel. Naar bene­den lopen was zelfs nog moeilijker.

Dan maar verder op de gebaande wegen en daar hoor­den we water vallen en von­den de echte water­val met twee Duitse meis­jes erbij.  Met zijn vieren besloten we trail 9a verder af te lopen. Vol­gens de LP moest het een goed begaan­baar pad zijn. Het werd steeds moeil­ijk begaan­baarder maar ging gelukkig bergaf. De omgev­ing was prachtig en door­dat we met zijn vieren waren was het ook een stuk veiliger (in geval van nood kon­den er twee op pad voor hulp en een bij de per­soon blijven).

Het was de meest natu­urlijke ervar­ing en ontzettend gaaf om zelf met een klein groepje in de jun­gle te lopen, over bomen te klim­men, groen te ruiken, gelu­iden te horen.

Aan het einde van eht pad kwa­men we uit bij een soort dor­pje met ver­schil­lende plan­tages. Vanaf daar was het nog een uur naar de hoofd­weg. De LP stelde voor om d ebus terug te pakken. Enige navraag leerde ons dat niemadn wist waneer de bus reed. Er trok net een truck op en hij wees naar de richitng die we op moesten. Een klein knikje ‘ja’ van mijn kant en hij stopte. Had­den we nu net gelift zon­der het te bedoe­len? We spron­gen achterin de truck en Michiel wegens lange benen voorin. Bin­nen tien minuten waren we in het dorp aangekomen. We wilden de man graag nog iets geven maar hij wilde het niet aan­nemen. De vrien­delijkheid zelve en dat zijn we niet altijd meer gewend.

Daarna nog even wat ont­bijt gehaald voor mor­gen in het busje en na een warme douche zit ik nu heer­lijk te geni­eten van een kopje thee. Mijn benen zijn moe en ik mis het groen om mij heen. Mor­gen weer naar een grote stad toe, kijken hoe dat ook alweer was.


20° 4' N, 102° 37' E
21 May 2010, 11:13

Kuang Si je weer

Boven bij de poel stroomt ook water van grote hoogte

We zijn al in Thai­land maar hebben niets geschreven over wat we gis­teren nog hebben gedaan voor­dat we op de bus stapten.

De water­vallen van Kuang Si waren zo betov­erend dat ik graag nog een keer terug wilde. Gis­ter­mid­dag hebben we samen met wat andere toeris­ten een tuk tuk gepakt en zijn erheen gereden.

Deze keer zijn we hele­maal naar boven gelopen naar een ‘geheim’ poeltje. Hier­voor moesten en een ‘track’ ofwel spoor vin­den wat naar het poeltje liep. Het was niet zo makke­lijk want het spoor liep door/ over een watertje maar toen we er een­maal waren was het geweldig!

Gewoon om nog even de foto’s te delen dit berichtje.


19° 53' N, 102° 8' E
20 May 2010, 15:41

Laat maar vallen

16. Dr. Fish

Van­mor­gen was een matineuze ocht­end. Om de olifan­ten op te halen zouden we om half zeven vertrekken. Aangezien de enige actie was wat kleren aan­doen stond de wekker om kwart over zes. Om zes uur werd er opeens op onze deur gek­loptd oor de gids en schrokken we wakker. Nor­maal ben ik echt een ocht­end­mens maar onverwachts eerder wakker wor­den doet ook niet veel goed voor mijn humeur.

Een half uur later vertrokken we met een bootje om de lange wan­del­ing te ver­mi­j­den. We liepen daarna de berg op en waren ver­baasd. Was dit waar we gis­teren met die enorme olifan­ten doorheen waren gelopen? Een stukje hoger was het antwo­ord. Van de bam­boe bosjes die mijn Olifant (Ghum­day) had­den ver­bor­gen was niet veel meer over. Daar­ente­gen had ze wel hier en daar mooie com­pacte ver­teerde bam­boe op de grond gelegd. De olifan­ten zit­ten ‘s nachts aan een meter­slange ket­ting (anders lopen ze naar de dor­pen of raken zoek) om hun poot vast aan een boom. De mahoet maakte de ket­ting los en de olifant trok de ket­ting naar een plek zodat de mahoet dit voorzichtig op haar nek kon leggen. Geweldig die samenwerking.

Hup klom ik op de nek en we leiepn naar bene­den waar­bij de olifant op com­m­mando storende takken voor mijn hoofd weghaalde. Na nog kort te hebben gebad­derd was het dan tijd om afscheid te nemen van de olifan­ten. Met een slur­fknuffel was het een niet zo emo­tion­eel afscheid.

Na een ste­vig ont­bijt klom­men we in de kayak want van­daag was er een druk pro­gramma. De kayak tocht was leuk maar we merken dat we dat ook een beetje zat wor­den. Dit was wel de eerste keer dat we echt met stroomver­snellin­gen te maken had­den en daar zijn we samen ongeschon­den uitgekomen.

Bij terugkomst in Luang Pra­bang ging de tocht verder. Met een mini busje wer­den we naar dee KuongSi water­val gere­den. Een tochtje van een half uur waar­bij we beide de ogen amper open kon­den houden. Bij de water­val een klein stukje lopen en daar was het dan. Cen­ter Parcs in het echt. Diep blauw water met ver­schil­lende plateaus waar het vanaf liep. We zijn omhoog gelopen en waag­den onze eerste stap­pen in het water. Het blauw van het water gaf ook de tem­perea­tuur weer. Ijskoud.

Het water bleef aantrekke­lijk en we zijn er ver­schil­lende keren inge­spron­gen. Bij een lager gele­gen water­val was er een hoge water­val waar je vanaf kon sprin­gen, doo­d­eng maar ook wel weer erg gaaf. Het touw waarmee je het water in kon sprin­gen heb ik ook ent­hou­si­ast gebruikt. Een paradijs op aarde, ik hoop dat de foto’s een beetj een beeld geven.

Ik weet niet of je ooit geho­ord hebt van ‘dr Fish’. Dit is een spa behan­del­ing waar­bij spe­ciale vis­sen de dode huid­cellen van je lichaam eten zodat je een heer­lijk zacht huidje kri­jgt. In dit water zaten deze vis­jes ook en ik heb geprobeerd ze op de foto te zetten. Uit­er­aard waren het er te weinig voor een ‘behan­del­ing’ maar het was echt gaaf.

Van­daag zijn Michiel en ik 3 jaar samen. De din­gen die we van­daag hebben gedaan en gezien zorgden ervoor dat het een hele bij­zon­dere dag was. Vanavond zijn we uit eten geweest en ik vrees dat we er voor tien uur inliggen maar wat een dag.

Mor­ge­navond stap­pen we op de bus naar Chi­ang Mai (noord Thai­land). De bus­reis duurt bijna 24 uur (met een boot­tochtje over de grens, grensperike­len en pauzes inbe­grepen) dus we zullen daarna wel moe zijn. Omdat de pas ‘s avonds vertrekken denk ik dat de kans groot is dat we nog een keer naar die paradi­jselijke water­val gaan.


11° 57' N, 108° 27' E
13 April 2010, 14:01

Ready to… rumble

26. Echt heel crazy

Na een heer­lijke nacht slaap en een ste­vig ont­bijt was het ein­delijk zo ver. Viet­nam rond­touren met de motor. We wer­den opge­haald door twee motor muizen (Mr. Hong en Mr. Long). Hel­men op en achterop stap­pen dan maar. Ehhmm… vind ik dit eigen­lijk niet eng? Geboekt is geboekt dus toch maar proberen. Na een kort, rustig en relaxed ritje door de stad kwa­men we bij de ‘Drag­ontem­ple’, een prachtige tem­pel waar we voor wat geluk nog even happy buddha’s buik aan mochten raken. Ze houden erg van over­daad en sym­bol­iek. Kor­tom, het leek hier en daar net op de Eftel­ing met een grote nage­maakte witte olifant, een hele­boel draken, reeën en nog meer fig­uren. Uit­er­aard prachtig maar we wer­den er een beetje melig van (zegt de olifant ook’papier hier’?, nee, hij heefft een luid­spreker uit zijn mond en lam­p­jes als ogen).

Na de tem­pel spron­gen we weer achterop om de echte tour te begin­nen. Wat een adem­ben­e­mend land­schap. Dalat is groot gewor­den in de tijd van de Fransen hier. Die hebben (vol­gens Mr. Hong) de Viet­name­sen geleerd om bepaalde groen­ten etc. te ver­bouwen. We hebben zoveel ver­schil­lende din­gen gezien, bloemkool, bloe­men (in plas­tic kassen, geleerd van een NL-er), thee, bana­nen, koffie, kool, erwten, mango’s en nog veel meer. Da Lat voorziet het zuiden van Viet­nam dus van de broodnodige vitamines.

We stopten kort voor een foto en even later was het tijd voor een wan­del­ing. De gids bleven (lekker relaxed) bene­den ter­wijl wij een heuvel/ berg opklom­men voor het uitzicht. Het was een van de bergen geweest waarop de Amerika­nen jaren terug hun radarsys­te­men had­den neergezet en het was dan ook een flinke klim. Hele­maal boven was het uitzicht prachtig en kwa­men we ook de andere toeris­ten tegen die van­daag met hun motorgids dezelfde route reden. Het voordeel van met de motor gaan is dat je zelf kunt bepalen hoe lang je ergens bli­jft. Er is geen gids die zegt, over 20 miun­ten vertrekt de bus. Dus hebben we het heer­lijk rustig aangedaan en lekker gekeken wat we wilden.

Na de klim en afdal­ing was het heer­lijk om gere­den te wor­den. Ik reed met Mr. Hong voorop, een vrien­delijke Viet­namees die goed Engels sprak. De weg ging over bergen wat dus veel smalle en kro­nke­lige wegget­jes betek­end maar toch was het heer­lijk ontspan­nen. Elke bocht veran­derde het uitzicht en hoewel we dezelfde route ook met een toeris­ten­bus had­den kun­nen doen beleef je het meer als je de wind in je haren voelt en de geur kunt opsnuiven.

Een paar kilo­me­ter verder stopten we langs de weg om te kijken hoe koffiebo­nen groeien. Super inter­es­sant en grap­pig om te zien dat het eigen­lijk rode besjes zijn. Er zijn ver­schil­lende soorten en die staan gewoon naast elkaar, met alle­maal diepe kuilen om water in op te slaan. We wilden verder­ri­j­den maar de motor van Mr. Long had helaas een lekke band. Dan maar een stukje lopen (bergaf godz­i­j­dank want ik heb geen voeten om te lopen) en na 1,5 kilo­me­ter was daar alweer een shop waar de band bin­nen 20 minuten was geplakt.

Op naar de water­val. Onder­weg vroeg ik Mr. Hong of er ook lemon tree’s waren. Ik vertelde hem van het liedje Lemon tree van Fools Gar­den wat ik vroeger altijd met mijn zus zong. Wilde graag een foto van een echte cit­roen boom. Hij kende het liedje en we hebben op de motor hardop gezon­gen, met de wind in de haren. Prompt stopte hij de motor en zei dat er een kleine lemon tree stond. Daar is natu­urlijk een foto van gemaakt maar omdat hij bij iemand in de tuin stond kon­den we niet dicht­bij genoeg komen om de kleine cit­roen­t­jes te fotograferen.

Bij de water­val aangekomen kon­den we verder klauteren. Over grote rot­sen heen klom­men we naar bene­den om de water­val van onder te bek­ijken (oké er waren ook kleine brugget­jes, soms wat leunin­gen en in steen uit­ge­hakte tre­den om het pad aan te geven, maar dat maakt het ver­haal niet sap­piger). We hebben prachtige foto’s gemaakt van de water­val. Omdat het gis­teren zoveel gere­gend heeft was de stro­ming en hoeveel­heid water meer dan nor­maal. We kon­den zelfs tot aan de voet van de water­val lopen. Omdat we anders nat­ge­wor­den waren zijn we niet tot onder de water­val gelopen maar het had gekunt. Overal sproeide het water en de lucht was vol met spet­ters, heer­lijk verkoe­lend. We zijn nog wat verder gek­lom­men en hebben er de tijd voor genomen. Het voelde half als een jun­gle tocht, met boom­wor­tels die in Ned­er­land gerust voor stam­men zouden kun­nen door­gaan, lia­nen, kleine watert­jes en heel veel groen.

Weer boven aangekomen bij onze gid­sen wer­den we naar het restau­ran­tje geleid waar we heer­lijk hebben gelunchd. Voor 1,70 (euro) pp hebben we wel 10 ver­schil­lende gerechten geproefd en hebben de tafel gedeeld met onze gid­sen. Wat een feestmaal. Het was zoveel dat we uitein­delijk vanavond alleen maar ananas als diner ophebben.

De mid­dag was al vergevorderd en er ston­den nog 3 bezoeken op het pro­gramma. Als eerste de zijde­fab­riek waar we van rups tot tafelk­leed hebben kun­nen zien. Voor mij niet de eerste keer maar het bli­jft bij­zon­der om te zien hoe gemakke­lijk zijde te verkri­j­gen is van rupsen.

Onze cam­era laat onder­tussen de laat­ste stu­ip­trekkin­gen. Michiel heeft in de afgelopen maand het lieve ding een paar keer laten vallen en de accu houdt het nu niet eens meer 1 dag vol. De cam­era hangt nu al met duck tape aan elkaar en we vrezen voor zijn leven. Helaas zijn er van na de zijde­fab­riek geen foto’s meer. We gaan snel op zoek naar een nieuwe cam­era, maar Viet­nam blijkt niet het beste land te zijn om te gaan shoppen.

Verder op de terug­weg zijn we nog gestopt bij een dis­tilleerderij van de lokale rijst­wijn, ook wel bek­end als ‘happy water’. Dit was eigen­lijk een grote grap. Het was een boerderij met ergens achter de varkensstal een dri­etal ketels waar van rijst wijn werd gemaakt. Voor 1 kilo rijst krijg je 1 liter wijn. Je hebt dan ook nog de eerste, tweede en derde dis­ti­laat waar­bij het alco­hol per­cent­age steeds iets meer zakt. We hebben geproefd van de tweede dis­ti­laat en het was eigen­lijk ontzettend lekker. Een com­bi­natie of tussen­vorm van tequila en wodka. Michiel durfde het zelfs aan om te zeggen dat hij het lekkerder vond dan wodka (sorry Jane).

Terug naar Da Lat waar we als laat­ste het hotel met de naam ‘Crazy house’ hebben bezocht. Dit hotel is een archi­tec­tonisch hoog­standje en doet mensen denken aan Gaudi in Barcelona (zijn we beide nog nooit geweest, maar dat het maf is geloven we). Het was een soort sprook­jes­bos meets Eftel­ing­ho­tel. De kamers had­den alle­maal thema’s maar waren eigen­lijk klein en oncom­fort­a­bel. Ook niet echt handig als je daar bli­jft slapen dat je altijd de kamer leeg moet ruimen voor de toeris­ten. De trap­pet­jes en nis­jes waren erg leuk. Onder­aan was een soort tuin gecreeerd met ste­nen pad­destoe­len en kleine ste­nen kringet­jes om op te zit­ten. Het waren vast prachtige foto’s gewor­den maar we gaan miss­chien nog voor jul­lie op zoek naar wat online foto’s zodat jul­lie iig kun­nen zien waar we geweest zijn.

De trip was hierna over en we wer­den op ons ver­zoek afgezet op de markt. Het was zo geweldig en ze hebben ons zeker over­tu­igd dat we dit eigen­lijk nog meer moeten doen omdat je het land anders ziet. Helaas is ons bud­get niet toereik­end om een lan­gere trip met de motor te maken maar zelfs deze ene dag zullen we niet snel meer vergeten.

Wind in de haren, flink wat PK onder je kont, goed gezelschap en het land aan je voeten. I’m free…. easy rider.